Terfel zingt als zoetgevooisde verleider

De koosnamen waarmee de op een boerderij in Wales opgegroeide bas-bariton Bryn Terfel wordt gekoesterd zijn even bloemrijk als veelzeggend. Ideale buurman, drinkebroer, teddybeer - met zijn timbre als een warme omhelzing en stralende podiumaanwezigheid, is Terfel zonder meer een van de uitnemendste én innemendste zangers die in de serie Grote Solisten van het Concertgebouw hun opwachting hebben gemaakt.

In 1998 oogstte Terfel donderende bijval als een extreem vuige Scarpia in Puccini's Tosca bij De Nederlandse Opera. Als die productie ooit opnieuw wordt hernomen, zal dat weer met Bryn Terfel zijn. Geen andere zanger kan zo smerig sneren en zo zoetgevooisd verleiden als juist Terfel, die deze kwaliteiten gisteravond bundelde voor een zeer veelzijdig liedrecital in de afgeladen Grote Zaal van het Concertgebouw.

Zowel zingend als niet zingend is Terfel uniek in ongedwongenheid. Zijn boeketten werpt hij trefzeker in de armen van bewonderende dames, een hoestende meneer krijgt Terfels eigen glaasje water aangeboden en pianist Malcolm Martineau mag tijdens het slotapplaus een solo-ovatie in ontvangst nemen. Zulke gestes zijn tekenend. Terfels muzikale persoonlijkheid wordt eveneens gekenmerkt door een soevereine spontaniteit, die maakt dat hij in liederen van Schubert en Schumann net zozeer ontroert en overtuigt als in een verstild Welsh wiegenlied of een schalkse volksdeun.

Of het nu de stroomversnellingen in Schuberts Die Forelle betrof, het drama in diens Der Doppelgänger of de vlammende heroïek én zalvende zorgzaamheid in Schumanns Die beiden Grenadiere – met kwinkslagen in de tekstaanpak en forse contrasten in de dynamiek vulde Terfel de Grote Zaal moeiteloos met de zeggingskracht van de gekozen liederen. Enige slordige inzetten ten spijt betoonde pianist Malcolm Martineau zich een sensitief begeleider, die bovendien een grote verhalende kracht verleende aan de naspelen van de liederen van Schumann.

In de na de pauze gezongen liederen van verschillende Engelse componisten, betoonde Terfel zich opnieuw een interpreet die zonder enige ijdelheid doordringt tot de kern van teksten. De zes liederen uit A Shropshire Lad van George Butterworth (1885-1916) bezaten een zeer indringende intensiteit, die moeiteloos werd opgeheven in vier Engelse volksliederen. Er bestaat geen andere zanger die dit repertoire zo onomwonden en fijngevoelig kan brengen als Bryn Terfel. Er zijn eveneens weinig zangers die in jolige toegiften als How to handle a woman en The Gassman een kritisch publiek zo onbezorgd kunnen laten schateren als Terfel.

Concert: Bryn Terfel (bariton) en Malcolm Martineau (piano). Liederen van Schubert, Schumann, Ireland, Quilter, Head, Butterworth e.a. Gehoord: 11/4 Concertgebouw, Amsterdam.

    • Mischa Spel