's Werelds eerste ruimtetoerist wil `deuren openen'

De Amerikaanse miljonair Dennis Tito wordt 's werelds eerste ruimtetoerist – Amerikaans verzet ten spijt.

Het is meer dan ruimtetoerisme, denkt de 61-jarige Dennis Tito. ,,Ik zie mezelf als iemand die de deur opent voor gewone mensen die dezelfde droom koesteren als ik.'' Gewone mensen die 20 miljoen dollar op tafel kunnen leggen, dat wel.

Gisteren gaf het Russische ruimtevaartagentschap Rosaviacosmos het groene licht voor de vlucht van de Californische multimiljonair. Tito vertrekt op 28 april vanaf basis Baikonoer naar het Internationale Ruimtestation (ISS), met commandant Talgat Moesabajev en boordingenieur Joeri Batoerin.

Helemaal welkom is Dennis Tito niet. De NASA verzet zich met man en macht tegen zijn komst. De amateur Tito zal de astronauten hinderlijk voor de voeten zweven, vrezen de Amerikanen. Vorige maand werd hem de toegang geweigerd tot een trainingscentrum in Houston.

Tito is zo het middelpunt van een echte postmoderne confrontatie, waarbij Rusland staat voor de vrije markt en de VS voor staatscontrole. De vraag is wie de lakens uitdeelt op het ISS, een project van zestien landen. Tito tekende vorig jaar een contract met Mircorps, een bedrijf dat vanuit Amsterdam het zieltogende ruimtestation Mir trachtte uit te baten. Vorige maand dumpte Rusland de Mir met tegenzin in de Stille Oceaan. Maar contract is contract, stellen de Russen. Het ISS is ook van hen: als zij Tito aan boord willen, is dat hun recht.

,,Het ligt eenvoudig: zonder Tito geen schip'', zei commandant Moesabajev gisteren zakelijk. Die Sojoez is van vitaal belang voor het ISS. Hij vervangt de oude reddingscapsule, die zijn langste tijd heeft gehad. Inmiddels lijken de Amerikanen zich schoorvoetend bij Tito's komst neer te leggen. ,,Iedereen die zich straks aan gene zijde van het luik bevindt, is welkom aan tafel'', zei de Amerikaanse astronaut Susan Helms dit weekeind vanuit het ISS.

Gisteren stond Dennis Tito de pers te woord in Sterrenstadje, het trainingscentrum voor kosmonauten bij Moskou. Er werd meermalen gerefereerd aan de vlucht van Joeri Gagarin, vandaag precies veertig jaar geleden. Op 12 april 1961 werd deze als eerste mens de ruimte ingeschoten. In een soort holle kanonskogel draaide hij in 108 minuten een baan om de aarde. Na de Spoetnik, 's werelds eerste satelliet, had de Sovjet-Unie de Amerikanen opnieuw afgetroefd.

Van Gagarin, de eeuwig lachende icoon, naar Tito, het onwaarschijnlijke symbool van de moderne Russische aspiraties. Een iele, kalende man die wel wat lijkt op de Franse komiek Louis de Funès. Tito wil zijn vlucht absoluut niet vergelijken met die van Gagarin, ,,een buitengewone prestatie''. Maar al is hij niet de eerste burger in de ruimte, als betalende toerist verricht hij baanbrekend werk . ,,Als alles goed verloopt, raken anderen geïnteresseerd. Dan worden commerciële ruimtevluchten normaal en gaat de prijs omlaag.''

Volgens de Russen krijgt Tito wel degelijk iets te doen op weg naar het ISS. Hij moet de leef- en navigatiesystemen in de gaten houden en de elektrische systemen omschakelen. Tito, die als ingenieur bij de NASA werkte voordat hij zijn fortuin maakte met een investeringsmaatschappij, is volgens de Russen ,,een zeer snelle leerling''. Maar echt vitaal kan zijn bijdrage niet zijn, want, zo beklemtoonde commandant Moesabajev, als Tito op het laatste moment ziek uitvalt, wordt hij niet vervangen.

Vier dagen op de Sojoez, zes dagen in het ISS. Tito verheugt zich op tien prachtige dagen, ook als we hem een citaat van kosmonaut Aleksandr Lazoetkin voorleggen. ,,Ik heb medelijden met Tito'', vertelde Lazoetkin deze krant. ,,De eerste twee weken in de ruimte zijn een ramp. Je bent misselijk, hebt hoofdpijn, ziet dubbel. Daarna wordt het pas leuk.'' Tito zegt dat hij als zeezeiler nooit last van zeeziekte had. ,,Ik heb gepraat met een astronaut die vijf shuttlevluchten achter de rug heeft. Die vertelde me dat ruimteziekte nogal wordt overdreven.''

Wat gaat Tito op het ISS precies doen? Het ligt voor de hand. ,,Ik hoop via internet contact te maken met burgers en media. Bovendien wil ik experimenten uitvoeren met fotografie en video'', zegt hij. ,,Stereoscopische fotografie heeft mijn interesse. Het ISS beweegt met een snelheid van acht kilometer per seconde op bijna 400 kilometer boven de aarde. Als ik elke seconde klik en de foto's over elkaar monteer, zal het lijken alsof de aarde op twee kilometer afstand staat.'' Een bijzonder plakboek, dat wordt het.

    • Coen van Zwol