`Koninklijk Huis te groot'

Premier Kok kondigde gisteren een nieuwe wet lidmaatschap Koninklijk Huis aan. Een goede zaak, vindt Kamerlid Rehwinkel.

Wat in de jaren zeventig politiek onmogelijk bleek, schijnt onder premier Kok dan toch te gaan gebeuren, constateert Peter Rehwinkel, de woordvoerder staatsrecht van de PvdA in de Tweede Kamer: een nieuwe wet lidmaatschap Koninklijk Huis, waarbij het aantal leden van de koninklijke familie die in meer of mindere mate onder de ministeriële verantwoordelijkheid vallen, wordt beperkt.

Een goede zaak, denkt de PvdA'er. ,,Als ik Máxima en Laurentien vast even meetel, kom ik nu al op zeventien leden van het Koninklijk Huis. Het zal niet lang meer duren of voor twintig personen of meer zou over hun reilen en zeilen de ministeriële verantwoordelijkheid gelden. Het lijkt me vooral van belang voor de leden van het Koninklijk Huis zélf, dat zij in staat worden gesteld hun leven naar eigen inzicht in te richten en niet voortdurend onder dat juk van de ministeriële verantwoordelijkheid hoeven te leven. Dat heeft pas zin naarmate er een kans is dat zij voor de troonopvolging in aanmerking zouden komen''.

Premier Kok kondigde de nieuwe wet lidmaatschap Koninklijk Huis gisteren aan tijdens het Kamerdebat over de Toestemmingswet voor het huwelijk van prins Constantijn en Laurentien Brinkhorst. ,,Bij de behandeling van de kabinetsnotitie over de monarchie, vorig jaar, had Kok alleen nog gezegd dat over de gewenste omvang van het Koninklijk huis `denkwerk werd verricht, omgeven met alle discretie en voorzichtigheid die daarbij past''', constateert Rehwinkel. Kennelijk heeft Kok, naast zijn inspanningen rond de verloving tussen de kroonprins en Máxima, ook voor deze materie tijd gevonden.

Dat is volgens Rehwinkel temeer opmerkelijk, omdat in de jaren zeventig pogingen van de politiek om de omvang van het Koninklijk Huis te beperken, stukliepen op tegenstand van de toenmalige koningin Juliana. Merkwaardig genoeg is deze kwestie verbonden met de naam van D66'er Brinkhorst, dezelfde wiens dochter Laurentien volgende maand door haar huwelijk met Constantijn tot het Koninklijk Huis zal toetreden.

,,De discussie over de omvang van het Koninklijk Huis dateert uit de jaren zestig, toen de ministeriële verantwoordelijkheid door het kabinet nauwelijks te hanteren bleek, in het bijzonder ten tijde van de `affaire-Irene'. De prinses was bijvoorbeeld langdurig zoek. Onder het kabinet-Van Agt (77-81) werd een wetsontwerp lidmaatschap Koninklijk Huis ingediend. De Tweede Kamer nam toen, met steun van onder andere PvdA, D66 en VVD, een amendement-Brinkhorst aan, dat de omvang van het Koninklijk Huis beperkte.

,,Het kabinet trok daarop, heel uitzonderlijk in de staatsrechtelijke praktijk, het hele wetsontwerp in. Van Agt heeft, toen ik hem interviewde voor mijn proefschrift (De minister-president, 1991 - red.) gezegd dat dit gebeurde op grond van `stellige denkbeelden en uitgesproken wensen aan de zijde van de koningin'. Juliana, met andere woorden, verzette zich tegen een beperking van het aantal leden van het Koninklijk Huis, en vooral tegen de indeling in A- en B-prinsen die het amendement-Brinkhorst impliceerde.'' De huidige wet dateert uit de tijd van het kabinet Lubbers I (82-86) en kon worden aangenomen omdat de VVD het streven naar beperking van het aantal leden van het Koninklijk Huis niet langer huldigde.

Wat vindt de parlementariër Rehwinkel de gewenste omvang van het Koninklijk Huis? ,,Heel precies zou ik dat nu niet willen aangeven'', meent hij. ,,Maar in ieder geval, net zoals nu, natuurlijk het staatshoofd, het afgetreden staatshoofd en hun echtgenoten. En dan natuurlijk de eerste troonopvolger, Willem Alexander, eventueel met een of twee van van de volgende troonopvolgers – zijn broers of zonen. En hun echtgenoten. Maar of, zoals in de huidige wet, de hele reeks troonopvolgers plus echtgenotes er deel van moeten uitmaken, dat lijkt niet bijzonder zinvol''.

    • Raymond van den Boogaard