Dromenverkoper met gouden tong

De belangrijkste taak, gisteren, van Alan García (51) was het organiseren van een persconferentie om de geschrokken kapitaalmarkt van Peru te bezweren. De links-populistische ex-president bleek de belangrijkste verrassing van de eerste ronde van de presidentsverkiezingen afgelopen weekeinde in dat land door met 26 procent van de stemmen op de tweede plaats te belanden. De gedoodverfde winnaar Alejandro Toledo (55), won weliswaar met 36 procent door gebruik te maken van zijn indiaanse roots en 2,5 miljoen banen te beloven aan de straatarme bevolking, maar hij is zijn positie niet meer zeker in de tweede ronde.

Getuige een record koersval maandag van bijna 2,5 procent, was de aandelenbeurs van Lima echter niet vergeten dat García 's lands economie in 1990 zieltogend had achtergelaten. De leider van de linkse Alianza Popular Revolucionaria Americana (APRA) had tussen 1985 en 1990 onder meer aflossingen van de staatsschuld gestopt, het Internationaal Monetair Fonds (IMF) geschoffeerd, getracht de financiële wereld te nationaliseren en het land met een inflatiecijfer van ruim 7.500 procent achtergelaten.

In 1985 was García met zijn 35 jaar de jongste president in de geschiedenis van het land – en tevens de jongste Peruaanse leider in de historie die de economie in een ruïne veranderde, voegen critici daaraan toe. De ouder geworden García realiseert zich terdege dat hij een ,,geloofwaardigheidsprobleem'' heeft. Gedurende zijn campagne, waarbij hij vaak als een moderne rattenvanger door stoffige straten liep achtervolgd door duizendkoppige menigten, betitelde hij zijn eerder economische beleid als een ,,jeugdzonde''.

Het mirakel van García's politieke comeback wordt in eerste instantie gezien als een bewijs voor de stelling dat verkiezingen in Peru doorgaans een onvoorspelbaar karakter hebben. Een factor bij de wederopstanding is bijvoorbeeld dat een groot deel van de kiezers zo jong is dat zij García eenvoudigweg niet kennen. Eenderde van de kiezers herinnert zich niet dat het land gedurende García's regering verscheurd werd door guerrilla, met dagelijkse bomaanslagen in Lima, en dat mensen met boodschappentassen gevuld met waardeloze bankbiljetten naar de winkel moesten. Jongeren waren gecharmeerd van deze kandidaat die in 1992 letterlijk het vege lijf moest redden door, achtervolgd door Fujimori's militairen, naar het buitenland te vluchten. Toen hij negen weken geleden terugkeerde uit ballingschap, haalde hij aanvankelijk niet meer dan 2 procent in de peilingen. Maar zijn stijl sprak de jeugd aan, bierdrinkend, zingend, en met zijn beloftes om telefoon- en elektriciteitstarieven te verlagen.

Ook zouden García's zonden worden gerelativeerd door het tienjarige bewind van zijn opvolger, de Japanse immigrantenzoon Alberto Fujimori. Deze verblijft inmiddels in vrijwillige ballingschap in Japan, nadat vorig najaar omvangrijke omkoopschandalen aan het licht kwamen waarbij vergeleken García's vergrijpen verbleekten. Dit bleek zelfs letterlijk het geval toen rechters hem onlangs vrijpleitten van de beschuldiging een miljard dollar verduisterd te hebben tijdens zijn presidentschap. Maar doordat de in ongenade gevallen Fujimori zich steeds afzette tegen García, kreeg deze een heroïsche glans.

García weet dat zijn kracht ligt bij het jongere deel van het electoraat, zo schreeuwde hij zijn aanhang toe: ,,We moeten dit Fujimorista-model aanpakken dat onze jeugd de slavernij heeft ingedwongen en ons dwingt geld van buitenlanders te lenen om voedsel te kunnen importeren dat wordt geproduceerd door buitenlanders.''

García gaat het nu in de tweede ronde opnemen tegen Toledo. De ironie wil dat deze `Amerindiaan' in 1985 ook al meedeed aan de presidentsverkiezingen. Toledo verloor en García won.

    • Frank Vermeulen