Russische schulden

VOOR RUSLAND is Duitsland zowel een brug naar als een breekijzer in het Westen. President Poetin maakt van geen andere NAVO-regeringsleider zoveel werk als van bondskanselier Schröder. De kanselier is dezer dagen op bezoek in St.Petersburg, geboorteplaats en bolwerk van Poetin. Op de agenda staan het Amerikaanse antiraketschild (SDI), de recente perikelen rond de onafhankelijke commerciële tv-zender NTV, de oorlog in Tsjetsjenië en de Russische schuldenlast.

De eerste drie onderwerpen zijn politiek van aard en worden daarom vooral in diplomatieke bewoordingen aangestipt. Schröder, die eerder al kanttekeningen heeft geplaatst bij SDI, heeft daarop gisteren een voorschotje genomen door slechts in globale termen een lans te breken voor de persvrijheid. Als het gaat om de buitenlandse schuld van Rusland is er daarentegen een perspectief dat verstrekkende gevolgen kan hebben.

MOSKOU MOET aan het Westen leningen ter waarde van circa 48 miljard dollar terugbetalen. Bij Duitsland staat Rusland voor ongeveer 60 miljard D-Mark in het krijt. Hoewel de schatkist dankzij de hoge olieprijs redelijk gevuld is, maakt Rusland geen haast met de afbetaling. Het speculeert erop dat de Westerse regeringen, verenigd in de Club van Parijs, begrip hebben voor de redenering dat veertig miljard dollar dateert uit de tijd dat de Sovjet-Unie nog bestond.

Dit argument raakt kant noch wal. Na de ontmanteling van de Sovjet-Unie heeft Rusland de erfenis van dit socialistische rijk con amore overgenomen. De reden daarvoor was helder. Rusland wilde voor geen prijs zijn greep verliezen op het nucleaire arsenaal en op de grondstoffen, dezelfde natuurlijke hulpbronnen die nu voor de dollarinkomsten zorgen. Maar de crediteuren zijn toch gevoelig voor de Russische argumentatie. In Berlijn groeit daarom de belangstelling voor een ruil: ter aflossing van de schulden kunnen Duitse bedrijven aandelen krijgen in Russische ondernemingen. Volgens de voorzitter van een betrokken ondernemersorganisatie kunnen de afspraken binnen een paar weken definitief worden afgerond.

DEZE OPLOSSING is een `Aha Erlebnis'. Ten eerste omdat het investeringsklimaat in Rusland sinds de zogeheten `insiders privatisering' van de jaren negentig, waarbij Westerse belangstellenden werden buitengesloten, nog steeds niet bijster gunstig is. (Hoewel president Poetin in woord zegt het tij te willen keren, heeft hij in daad nog weinig ondernomen. De verplichting voor exporteurs om 75 procent van hun valuta-inkomsten om te zetten in roebels is bijvoorbeeld nog altijd niet opgeheven.) Ten tweede omdat zo'n ruil een ongewisse hypotheek legt op het monetaire beleid van de Russische regering. Ruim vijf jaar geleden heeft de Russische regering in eigen land al eens zo'n ruil meegemaakt: de `aandelen-voor-leningendeal'. De latere `oligarchen' kregen toen staatsbedrijven in handen op voorwaarde dat ze de staat het geld zouden lenen waarom Moskou verlegen zat. Het resultaat was een piramide van staatsobligaties die in augustus 1998 met donderend geraas in elkaar stortte.

MOCHT HET TOCH zover komen dat schulden worden omgezet in aandelen, dan maakt de Bondsrepubliek zich niet alleen los uit de Club van Parijs, maar neemt ze eveneens serieuze economische risico's. Dat is de prijs voor zelfstandigere betrekkingen tussen de twee grootste landen van Europa.