`Amerika moet welwillend baas zijn in de wereld'

President Bush staat onder druk van conservatieven die menen dat Amerika moet laten zien wie de baas is in de wereld. De leer van het `welwillend hegemonisme'.

Het kan altijd nog rechtser. Terwijl veel Amerikanen de ogen openen voor het fundamenteel conservatieve karakter van de regering-Bush op gebieden als milieu, sociale zekerheid en belastingen, ondervindt de president toenemende kritiek op zijn defensiebeleid en zijn behandeling van de China-crisis. Die komt van verder rechts.

,,Hoe de openbare en geheime details van een akkoord [met China] er straks ook uitzien, wij zullen natuurlijk blij zijn voor de marine-mensen en hun families. Maar niemand moet de enorme prijs onderschatten die wij zullen hebben betaald voor hun vrijheid. De Verenigde Staten zijn op weg naar een vernedering, en voor een grote mogendheid – laat staan de enige supermacht in de wereld – is vernedering niet iets om lichtvaardig over te denken.''

Met die vlammende woorden lanceerden William Kristol en Robert Kagan eind vorige week hun aanval in het hoofdredactioneel commentaar van The Weekly Standard, het weekblad dat zich steeds meer tot taak stelt George W. Bush te onderrichten in het ware conservatisme. `Een Nationale Vernedering' heette het requisitoir, waar het Bush-team zich zondag in alle politieke praatprogramma's tegen te weer moest stellen.

Gisteren zette Kristol de aanval nog even voort: het China-beleid noemde hij ,,zwak en fout''. Hij presenteerde op het American Enterprise Institute (AEI) de bundel die hij met Kagan heeft geschreven en geredigeerd over `crisis en kansen' in de buitenlandse politiek. Het boek heet `Present Dangers' en laat er geen misverstand over bestaan dat de Verenigde Staten geen moment te verliezen hebben. Macht moet onderhouden worden. Mooie woorden en bilateralisme zijn niet genoeg.

Richard Perle, onderminister van Defensie van president Ronald Reagan en destijds in de kruisraket-jaren bekend als `Prince of Darkness', zei het iets onderkoelder. Maar ook hij meende dat als deze crisis tot een goed einde is gebracht ,,een meer robuste China-politiek te voorschijn moet komen. Achteraf zal deze episode een nuttige katalysator zijn geweest.''

Perle hoort tot de school die zich niet excuseert voor Amerika's suprematie. 'Welwillend hegemonisme' is de term waaraan hij zelf de voorkeur geeft: vriendelijk de baas zijn in de wereld, zolang mogelijk. Als de Europese bondgenoten zich blijven verzetten tegen het Amerikaanse raketschild, ,,dan kunnen ze naar de hel lopen'', zoals hij het onlangs in Le Monde uitdrukte. Sommige landen kan je helpen hun problemen op te lossen door een `regime-wisseling' te overwegen. Hij noemde Irak, China en Noord-Korea en zei: ,,in het geval van Irak zijn de kosten daarvan veel lager dan die van doormodderen''.

In de bundel van Kristol en Kagan bepleit Perle coalitievorming met buurlanden van Irak. Gisteren had Perle het daar niet meer over: de Verenigde Staten moeten optreden voordat Saddam definitief victorie kraait en de geallieerde overwinning van '91 is omgezet in een nederlaag. De sanctiepolitiek heeft gefaald. Saddam heeft over twee jaar kernwapens. Na ,,een decennium van zwakte'' [Bush I in zijn nadagen en Clinton] moet Amerika met hem afrekenen.''

Perle beriep zich er op dat het buitenlands- en defensiebeleid nu weer in handen van `volwassenen' is. Die zullen veel meer aan defensie uitgeven zodra de huidige denkpauze tot een nieuw concept heeft geleid. Kristol wilde nu al de erkenning van Bush zien dat een geloofwaardige defensie ,,na negen jaar discussie'' snel moet worden hersteld.

Beiden lieten de sabel kletteren, zoals Amerika van hen is gewend. Het verschil is alleen dat zij en andere `Reagan Republikeinen' zich nu weer tot een bevriende regering wenden. De opkomst bij het AEI was er naar. De denktank, waar vice-president Cheney en het halve eerste elftal van Bush hebben overwinterd, heeft veel politieke ideeën voortgebracht die nu door het Witte Huis worden ontvouwen. Als in deze omgeving nu al zulke harde woorden vallen, en Colin Powell wordt afgedaan als een doetje, dan spitst men de oren.

    • Marc Chavannes