`Architect kopieert Joods Museum'

De Pools-Amerikaanse architect Daniel Libeskind heeft de Australische architect Howard Raggat beschuldigd van plagiaat. Volgens Libeskind is de aan Aboriginal-kunst gewijde vleugel van het door Raggat ontworpen nieuwe Australische nationale museum in Canberra een exacte kopie van het Joods Museum in Berlijn, dat enkele jaren geleden werd opgeleverd. Libeskinds Joods Museum heeft een zigzaggende, aan de davidsster ontleende plattegrond.

Libeskind noemt de Aboriginal vleugel van het Australisch Nationaal Museum `absurd'. ,,Niet één hoek, nie één verhouding van het Joods Museum is veranderd'', beweert Libeskind. Raggat erkent dat hij zich bij het ontwerp van het nieuwe museum heeft laten inspireren door het Joods Museum. Raggat werkt naar eigen zeggen altijd met voorbeelden uit de architectuurgeschiedenis, die hij `aanpast aan de locale context.' ,,We willen helemaal niet suggereren dat het ontwerp van onszelf is.'' De gelijkenis tussen beide ontwerpen betreft alleen het exterieur. Het interieur van de Aboriginal vleugel, die slechts een onderdeel van het museum is, is geheel anders.

Met zijn werkwijze herneemt Raggat een eeuwenoude traditie in de architectuur. Voordat originaliteit in de twintigste eeuw ook in de bouwkunst een belangrijk criterium werd, was het onder architecten een wijdverbreide gewoonte ontwerpen van bestaande, bekende gebouwen te bewerken. Zo is het oud-Romeinse Pantheon in de loop der eeuwen in allerlei hoedanigheden opgedoken in de westerse wereld.

Ondanks de gelijkenis tussen het Joods Museum en de Aboriginal vleugel van het Australisch Nationaal Museum is Libeskind niet van plan juridische stappen te nemen tegen Raggat. Uit `sympathie voor het museum' heeft hij het bij een boze brief gelaten.

Eerder beschuldigde Libeskind zijn Amerikaanse deconstructivistische collega Peter Eisenman al van plagiaat. Eisenman zou zijn winnende ontwerp voor het Holocaust-monument in Berlijn hebben ontleend aan het `stèle-veld' bij het Joods Museum.