RUDD & SHEPP

Wilde geruchten deden jarenlang de ronde over Archie Shepps afgetakelde spel. `Overdadig dopegebruik' werd er gefluisterd, `slecht passend kunstgebit' werd er geopperd. Maar of de freejazz-saxofonist nu van de naald af is en nieuwe tanden heeft of niet, anno 2001 is hij weer helemaal van de partij.

Het bewijs is vastgelegd op de cd Live in New York. Op het album wordt hij geflankeerd door trombonist Roswell Rudd, een maatje uit de jaren zestig, die ook de helft van het gespeelde materiaal aandroeg.

Net als in zijn hoogtijdagen loeit Shepp weer als een bezetene. Zijn sax klinkt af en toe alsof hij in een enorme holle ton staat te spelen en het effect is extreem aards in zijn directheid.

Kronkelige solo's eindigen vaak in een stevige `honk', de wat benepen toon slaat soms onverwacht over in snerpend hoog of diep buikig. Rudd, wiens trombonespel vrolijke humor en robuuste chaos in zich verenigt, dreigt zijn partner soms met al te enthousiaste uithalen te overstemmen. Maar hij weet zich dan ook geruggensteund door tweede trombonist Grachan Moncur III, die al even hard van leer trekt.

Bassist Reggie Workman en drummer Andrew Cyrille – ook mannen met een roemrijk verleden – stellen zich wat dienstbaarder op. Zij zorgen er vooral voor dat het rauwe maar warme mengsel van blues, vrije improvisatie en volkse fanfare op tempo blijft. De aanwezigheid van politiek-radicaal poëet Amiri Baraka doen de goede oude dagen helemaal herleven.

De teksten van Baraka – `we are the blues, we're the first Jews..' – zouden in een andere context wellicht gedateerd en kitscherig klinken maar zijn in dit veteranengezelschap prima op hun plek.

Roswell Rudd & Archie Shepp: Live in New York (Emarcy, 013 482-2) Distr. Universal.

    • Edo Dijksterhuis