MENSELIJKE MAAT

Staat u mij toe kort te reageren op de brief van mevr. De Vries, lerares Frans in de bijlage W&O van 31 maart jl. waarin zij reageert op een eerder interview met mij (`De menselijke maat is weg', 24 maart).

In de eerste plaats het verschil in inkomen tussen de voor- en na-hossers in ons onderwijs. Kennelijk ben ik niet de enige die niet precies weet hoe bizar de inkomensverschillen tussen voor- en na-hossers zijn. Navraag bij de commissie gelijke behandeling heeft mij inmiddels geleerd dat het verschil niet oploopt tot ƒ2.500.- zoals mevr. De Vries meent, maar zelfs tot meer dan ƒ4.000.- per maand voor leerkrachten in gelijke omstandigheden. Een nivelleringsveldslag die het onderwijs nog in geen jaren te boven zal zijn. Voor managementfuncties loopt het verschil overigens nog hoger op.

In de tweede plaats pleit D66 al jaren voor een functie-indeling waarbij de leerkrachten die voor de klas staan de top-posities innemen, ondersteund waar het kan door hulppersoneel. Alleen zo kan de vlucht uit het onderwijs en de vlucht naar managementfuncties een halt worden toegeroepen. En, ja natuurlijk hebben die megascholen hun eigen tussenlagen aan middenmanagement gecreëerd. Reden voor D66 om vraagtekens te plaatsen bij de kostenefficiency van grote scholengemeenschappen en reden voor onze fractievoorzitter Thom de Graaf om tijdens het afgelopen onderwijscongres te Groningen te pleiten voor kleinere scholen, waar leerlingen en leraren elkaar nog kennen en gekend worden.

Hij heeft er overigens ook voor gepleit dat Frans en Duits in de Tweede Fase van Havo en VWO weer volwaardige vakken moeten worden, waarin spreken, luisteren, lezen en literatuur weer in samenhang aan de orde komen. Beter één van deze vakken goed dan twee half. Daarvoor heeft D66 echter wel de steun van mevr. De Vries en haar vakgenoten nodig. Zonder hun steun zal ons dat in de Kamer nooit lukken.