Scholen laken kleutertest

Minister Hermans (Onderwijs) wil vierjarige kleuters testen. Niet iedereen is van het nut overtuigd.

Op de christelijke basisschool Rembrandt in Delft komen toetsen voor kleuters niet binnen. ,,Het brengt een raar sfeertje in de klas, zeker voor vierjarige kleuters'', vindt directeur Rob Meinster. ,,Ze moeten aan een tafeltje zitten en lesjes maken, dat past totaal niet in de belevingswereld van een kleuter. Zo'n werksfeer, daar zijn ze niet aan gewend.''

Basisschool Rembrandt merkt een sterke vraag `van buiten' om de leerlingen te laten testen. Ouders, ministerie en inspectie vragen steeds meer om duidelijk meetbare prestaties van leerling en school, waardoor leerachterstanden sneller opgespoord kunnen worden en de ontwikkeling van kinderen intensiever kan worden bijgehouden.

Directeur Meinster staat kritisch tegenover het testen van de allerkleinsten en hij staat daarin niet alleen. Sommige directeuren en onderzoekers vinden dat het toetsen en meten van kinderen is doorgeslagen en spreken van een `testhype'. Meinster: ,,Als je leerlingen goed volgt, heeft dat zeker voordelen. Maar dan alleen om te kijken welk kind je moet helpen. Je moet geen bedrijfsmatige conclusies aan die tests gaan verbinden, zoals minister Hermans wil.''

Minister Hermans van Onderwijs wil leerlingen al met vier jaar laten testen op hun kennis en vaardigheden. Volgens hem kunnen op deze manier leerachterstanden beter worden opgespoord. Daarnaast kunnen de prestaties van scholen alleen in kaart worden gebracht wanneer leerlingen vanaf het begin van hun schoolcarrière nauwkeurig worden gevolgd, stelt de minister: alleen zo wordt de toegevoegde waarde van een school gemeten. Hoe hoger die waarde, hoe beter de school. Als scholen meer vrijheid krijgen, wat de minister wil, moet het ministerie een instrument in handen hebben om een school op resultaten te beoordelen.

Herman Holleboom, directeur van onder meer de Augustinusschool in Rotterdam, is net als de minister een groot voorstander van de kleutertesten. ,,Nu worden scholen alleen afgerekend op het resultaat van de Cito-eindtoets in groep 8'', zegt hij. Dat zegt volgens hem te weinig over de kwaliteit van de school. ,,Een school met alleen witte kinderen van hoogopgeleide ouders hoeft bijna niets te doen voor een goed eindresultaat.''

Op de Augustinusschool, met 98 procent allochtone leerlingen, moeten de leraren grote moeite doen om de kinderen op een redelijk niveau te brengen. ,,Die inspanning wordt alleen duidelijk als je de kinderen ook aan het begin van de basisschool test'', zegt Holleboom.

'Testen zeer tijdrovend'

Het via testen volgen van de resultaten van leerlingen is niet nieuw. Al enkele jaren biedt het instituut voor toetsenontwikkeling (Cito) tests voor het zogenoemde `leerlingvolgsysteem' aan. Met dit systeem kunnen de vorderingen van leerlingen bijgehouden worden. Scholen kunnen ervoor kiezen leerlingen al vanaf het vierde jaar te testen, maar doen dat tot nu toe zelden. Woordvoerder G. Joosen van het Cito: ,,De interesse voor het toetsen van basisschoolleerlingen neemt toe. Al meer dan negentig procent van alle basisscholen gebruikt tenminste een deel van het systeem.''

Voor kinderen uit de eerste groepen biedt het Cito tests aan over taal en rekenen. De cijfers en de resultaten van leerlingen worden door maatschappij en overheid steeds belangrijker gevonden, merkt Joosen. Maar waart er een testgekte rond in Nederland? Welnee, vindt hij. ,,Een systeem dat regelmatig bijhoudt of een leerling ten opzichte van zichzelf en zijn klas vooruitgaat, kan achterstanden signaleren. Als dat goed gebeurt, is er weinig op tegen.''

Kan een kind van vier jaar wel op een zuivere manier getoetst worden? Dat kan, zegt de Groningse hoogleraar psychologie prof. dr. W. Hofstee. Maar dan gaat het wel om een brede toets, waarbij niet alleen naar taal- en rekenvaardigheden wordt gekeken, maar naar de totale ontwikkeling van het kind. Hofstee: ,,Een vierjarig kind kan je niet aan een tafeltje zetten met een vel papier en een pen voor zijn neus zoals bij een twaalfjarige wel kan. Maar je kan wel kijken of de kleuter kan tellen, kleuren kan benoemen en een aanwijzing kan opvolgen.''

Karin Westerbeek van de Rotterdamse onderwijsbegeleidingsdienst (CED) vindt dat een vierjarige nooit maar één keer getest mag worden omdat in een dergelijke momentopname teveel ruis zou zitten. ,,Als een kind slecht heeft geslapen, krijg je meteen al een heel andere score.'' Een goede test voor vierjarigen test ieder kind individueel verschillende keren. Westerbeek: ,,Dan gaat het dus om een zeer tijdrovende en dure toets. Ik vraag me af of de minister daarbij heeft stilgestaan.''

Volgens Hofstee zou het testen alleen gericht moeten zijn op het opsporen van achterstanden. Hij zet vraagtekens bij het toetsen van álle vierjarigen. ,,Als er geen concrete aanleiding voor is, waarom zou je het dan doen? Alleen om de prestaties van de scholen te kunnen meten? Lijkt me overdreven.''

Het zal waarschijnlijk nog wel even duren voordat de vierjarigen-test ook werkelijk een feit is. Toenmalig staatssecretaris Netelenbos (Onderwijs) wilde vijf jaar geleden al een verplichte kleutertest invoeren, maar moest haar plan in de bureaula terugstoppen toen er een storm van kritiek opstak onder onderzoekers en leraren.

    • Sheila Kamerman
    • Guus Valk