`Inkomen huisartsen op basis van prestaties'

Het inkomen van huisartsen moet voor een groot deel afhankelijk worden van prestaties en werkdruk.

Dit adviseert de `Commissie toekomstige financieringsstructuur huisartsenzorg' in het rapport Een gezonde spil in de zorg, dat gisteren aan minister Borst (Volksgezondheid) is aangeboden.

De commissie, onder leiding van voormalig Unilever-topman M. Tabaksblat, wil de manier waarop huisartsen worden betaald vereenvoudigen. Het inkomen van de arts, de financiering van de huisartsenpraktijk en de dienstverlening buiten kantooruren moeten volgens de commissie worden gescheiden in aparte `boxen'.

Het aantal patiënten bepaalt de omvang van het `basisinkomen' van de huisarts. Hoeveel de huisarts krijgt aan vergoeding voor zijn praktijkkosten is, behalve van het aantal ingeschreven patiënten, afhankelijk van een `praktijkplan'. Dat plan behoeft de goedkeuring van de regionale verzekeraar.

De huisarts kan `opslagen' op zijn basisinkomen krijgen voor extra diensten, zoals hulp aan diabetici, kleine chirurgie of bijzondere aandacht voor sneller uit het ziekenhuis ontslagen patiënten.

Ook kan hij premies krijgen als hij zuinig is bij het voorschrijven van medicijnen of bij het doorverwijzen van patiënten.

De zorgverzekeraars moeten er volgens de commissie voor zorgen dat er voldoende huisartsenzorg in een regio aanwezig is. De commissie gaat ervan uit dat de volledig solistisch werkende huisarts bij gebrek aan kwalitatief verantwoorde zorg zal verdwijnen – hij zal altijd op een of andere manier met collega's en andere hulpverleners moeten samenwerken.

Zowel voor het inkomen van de huisarts als voor de financiering van de praktijkkosten moeten er landelijke tarieven komen. Deze worden om de paar jaar door de landelijke organisaties van huisartsen en zorgverzekeraars vastgesteld, en niet langer door de overheid. Lokaal zou er `flexibel' mee om kunnen worden gegaan. Ook moet periodiek, bijvoorbeeld om de vier jaar, worden vastgesteld welke hulp wel en welke niet in het pakket van de huisarts hoort. De commissie denkt dat de veranderingen geen hogere kosten meebrengen.

De commissie verwacht dat het met dit voorstel voor een flexibelere beloning van de huisarts gemakkelijker zal worden om in moeilijk vervulbare vacatures te voorzien. Er staan nu zo'n vijftig praktijken `leeg', terwijl 500 à 600 huisartsen een praktijk zoeken. Van schaarste aan huisartsen is dus geen sprake, aldus Tabaksblat. Volgens hem hebben die zoekende huisartsen bijzondere eisen, zoals in deeltijd werken. De commissie denkt dat huisartsen dankzij een hogere vergoeding straks eerder bereid zullen zijn in lastige gebieden te werken.