`Te late reactie op rellen Den Bosch'

De rellen eind vorig jaar in Den Bosch hebben één dag te lang geduurd. De autoriteiten hadden, nadat zich zondagavond 17 december voor de tweede maal ernstige ongeregeldheden voordeden, de rellen op maandagavond kunnen en moeten voorkomen.

Dit concludeert het Crisis Onderzoek Team (COT) dat de rellen rond de dood van FC Den Bosch-supporter Pierre Bouleij onderzocht. Bouleij was door een politieagent bij een burenruzie doodgeschoten.

Het vanmorgen gepresenteerde onderzoek geeft geen algemeen oordeel over de aanpak van politie en justitie. Het onderzoek werd verricht in opdracht van de `driehoek Brabant-Noord': burgemeester A. Rombouts, hoofdofficier van justitie R. Craemer en korpschef E. van Hoorn.

In een analyse van het eigen optreden, die ook vandaag werd gepresenteerd, concludeert de politie Brabant-Noord dat er ,,naar beste vermogen'' is gehandeld. Wel zag de politie zich geconfronteerd met vele communicatiestoornissen.

Burgemeester Rombouts concludeert uit de twee rapporten dat ,,het bestuurlijke optreden op vele punten goed is geweest''. Hij geeft toe dat op onderdelen kritiek mogelijk is. In een verklaring voor de gemeenteraad zegt hij er ,,lering uit te hebben getrokken''.

Het COT concludeert dat de uitspraak van de burgemeester op zondagmiddag, dat de schietende agent uit noodweer handelde, niet verstandig was. Maar het bureau ziet geen aanwijzingen dat die uitspraak van Rombouts de rellen heeft aangewakkerd.

Het COT stelt dat politie en justitie op veel plaatsen in Nederland betrekkelijk weinig ervaring hebben met grote ordeverstoringen. Het COT pleit daarom voor ,,intensivering van het openbare orde beleid en van de operationele voorbereidingen'' in meer plaatsen in het land.

RELLEN: pagina 7