Eurocampagne komt langzaam op stoom

In Euroland wordt heel verschillend gedacht over de voorbereidingen op de komst van de euro, blijkt uit een serie in deze krant. Er kan nog veel mis gaan.

Met nog krap negen maanden te gaan beginnen de eurocampagnes in Europa op stoom te komen. Naast de nationale campagnes (`De euro wordt van ons allemaal') heeft de Europese Centrale Bank een eigen project gelanceerd onder het motto De euro ons geld. Er is een Partnership Programma opgezet, gecoördineerd door de nationale centrale banken, voor ondernemingen en branche-organisaties om mee te werken aan de informatieverstrekking over de veiligheidskenmerken van de bankbiljetten en munten. In september gaat er een massale reclamecampagne van start die in alle twaalf eurolanden gelijk is.

Maar daar houdt de gezamenlijkheid op. Euroland is een verbond van soevereine landen die hun monetaire bevoegdheden hebben overgedragen aan een gemeenschappelijke centrale bank. Er blijven grote verschillen bestaan tussen de manier waarop landen de introductie van de bankbiljetten en munten aanpakken. Nederland heeft voor de kortste `duale' periode gekozen, de periode waarin zowel guldens als euro's wettelijk betaalmiddel zijn. Op 28 januari 2002 is het gedaan met de gulden. In vier weken moet de omwisseling hier dus helemaal afgerond zijn. De andere landen nemen daar ruimer de tijd voor - oplopend van Ierland (9 februari) en Frankrijk (17 februari) tot alle overige landen op 28 februari.

Ook de distributie wordt nationaal aangepakt. Nederland begint pas in de tweede week van december met de gelddistributie. Daarentegen starten België, Duitsland, Spanje, Luxemburg, Oostenrijk en Portugal vanaf 1 september 2001 de bankbiljetten en munten te verspreiden, waarbij in sommige landen een onderscheid gemaakt wordt tussen distributie aan financiële instellingen en aan de detailhandel.

Het publiek krijgt nergens in euroland vroegtijdig de beschikking over bankbiljetten: deze zogenoemde front loading is door de centrale banken categorisch afgewezen om verwarring te voorkomen. Op 1 januari 2002 om middernacht kan het publiek de eurobiljetten voor het eerst uit de geldautomaten halen. In alle landen zijn dat uitsluitend kleine coupures (5, 10, 20 en 50 euro) om de problemen met wisselgeld in de eerste dagen zoveel mogelijk te beperken. Alleen voor blinden komen er ter gewenning eerder al `dummies' van de bankbiljetten beschikbaar, waarop de inktopdruk voelbaar is.

De publieksbevoorrading van de munten begint daarentegen vanaf 15 en 17 december (in Nederland: 17 december) zodat de bevolking aan de munten kan wennen en wat kleingeld op zak heeft als er met euro's betaald moet worden.

Per land verschilt ook de termijn waarin de `oude' nationale bankbiljetten kunnen worden teruggegeven. Voor sommige landen is dat onbeperkt, voor andere tien, twintig of dertig (Nederland )jaar. Bij de munten variëren de periodes van onbeperkt tot één, twee of zes (Nederland) jaar.

Het Bureau Euro Omwisseling (BEO) van De Nederlandsche Bank heeft het distributieplan voor de munten en bankbiljetten opgesteld. Met de banken is afgesproken dat eind december uit geldautomaten alleen nog maar kleine coupures (briefjes van 25 gulden) komen. Verder komt er een gratis service van de centrale bank om bij vierhonderd duizend winkels, café's en andere plekken waar veel contant geld omgaat, de stuivers, dubbeltjes, kwartjes en guldens af te halen en de euromunten te bezorgen. Deze fijnmazige distributie is gratis en zal worden uitgevoerd met duizend bestelautootjes van TPG (de voormalige PTT Post). Voor zover bekend past alleen Nederland een dergelijke service toe.

Ondanks de zorgvuldige planning kan er onverhoopt van alles mis gaan, bijvoorbeeld in de communicatie. Zoals vorige maand bleek in het geval van de boetes. De Tweede Kamer had vorig jaar ingestemd met een voorstel van justitie om bij de maximale boetebedragen in euro's niet door de omwisselingskoers van 2,20371 te gebruiken, maar door twee te delen. Hierdoor zouden de boetes ronde bedragen blijven, maar het kwam neer op een verhoging met tien procent. Maanden later werd er heftig tegen geprotesteerd. In de overheidscampagnes wordt juist beklemtoond dat ondernemers de euro-omwisseling niet mogen

gebruiken om hun prijzen te verhogen. Het kabinet heeft de maatregel van Justitie snel teruggedraaid.

Zo zullen er de komende maanden vaker problemen op de weg naar de euro opduiken. De geldtransporteurs waarschuwen dat er onvoldoende politiebeveiliging zal zijn voor de eurotransporten op Nieuwjaarsdag 2002. Minister Zalm (Financiën) weigert geld uit te trekken voor de euro-herziening van schoolboeken. Zalm geeft wel 215 miljoen gulden uit aan zijn eigen `Zalm-kit': een doosje met de acht euromunten in cadeauverpakking.

DOSSIER EURO www.nrc.nl

Dit is de slotaflevering van een serie over de introductie van de euro. De eerdere delen verschenen op 20, 24, 26 en 30 januari, 2, 6, 8, 13, 15, 20, 23 en 28 februari, 6, 14 en 21 maart.

    • Roel Janssen