Incident of crisis

DE SPANNING TUSSEN de Verenigde Staten en China loopt op. Gisteren eiste president Bush de onmiddellijke vrijgave van het Amerikaanse spionagevliegtuig en zijn bemanning dat zondag boven de Zuid-Chinese Zee in botsing kwam met een Chinese straaljager en een noodlanding maakte op het Chinese eiland Hainan. Vandaag riep China's president Jiang Zemin de Amerikanen op te stoppen met hun verkenningsvluchten. Volgens hem dragen de VS de volle verantwoordelijkheid voor het ongeval. ,,We hebben daarvoor voldoende bewijzen.'' Jiang beschuldigde de VS van het schenden van internationale regels en de internationale praktijk en van het binnendringen van het Chinese luchtruim. ,,Wij begrijpen niet'', voegde hij eraan toe, ,,waarom de Amerikanen geregeld spionagevluchten uitvoeren zo dicht bij China.''

De werkelijkheid is dat de Chinese leiders maar al te goed begrijpen wat de Amerikanen drijft. Dezen wensen op de hoogte te blijven van de militaire situatie aan de Chinese kust. De EP-3 die zondag in moeilijkheden werd gebracht door schaduwende Chinese toestellen, is volgestopt met elektronisch materiaal voor het opvangen en registreren van militaire communicatie. Voor de Chinezen kwam de noodlanding als een douceurtje waarvan gretig gebruik is gemaakt. In de laatste ontvangen radioboodschap van de bemanning werd gemeld dat Chinese militairen aan boord kwamen. De vraag die Washington het meest bezighoudt is of de bemanning in staat is geweest om volgens opdracht het gevoeligste instrumentarium tijdig te vernietigen.

VOORLOPIG GAAT het om een, vooral voor de Amerikanen onwelkom, incident. Maar van incidenten wordt soms buitenlandse politiek gemaakt. Van belang is hoe partijen op het incident reageren: wensen zij de goede betrekkingen niet te verstoren of grijpen zij het voorval aan om de onderlinge verhouding op scherp te zetten. Nog geen twee weken geleden was de Chinese vice-premier Quian Qichen bij president Bush op bezoek. Het resultaat van die visite was voor tweeërlei uitleg vatbaar. China waarschuwde tegen het leveren van revolutionaire radarsystemen aan Taiwan, Bush suste dat het besluit daarover nog niet was genomen. De Amerikanen wensten van China dat het stopt met leveranties van militair gevoelig materiaal aan onder meer Irak. China ontkent dat daarvan sprake is.

Zowel China als de VS hebben belang bij het voorkomen van een crisis. Die term is dan ook nog niet gevallen. Ook al is de regering-Bush geneigd concurrerende en potentieel bedreigende mogendheden minder vertrouwen te schenken dan haar voorgangster, zij bevindt zich nog middenin eigen overleg over de toekomstige buitenlandse politiek. Hoe dat overleg zich uitkristalliseert moet worden afgewacht. Anderzijds, ontwikkelingen en gebeurtenissen wachten niet totdat de blauwdruk voor de komende jaren gereed is. Zij kunnen, zeker als machtsverhoudingen direct in het spel zijn, verantwoordelijke leiders verleiden tot het doen van uitspraken en het innemen van standpunten die opportuun lijken voor het moment, maar op langere termijn schade aanrichten. Het is aan Bush en Jiang om dit incident niet tot een crisis te laten uitgroeien. Dat is ook in het belang van de rest van de wereld.