Europa en de Stier van Potter

Dierenrechten, daar ben ik al een voorstander van sinds mijn eerste hamster. Als kind heb ik kalfjes geboren zien worden, huisdieren heb ik altijd gekoesterd. Op dit moment zijn het twee katten, die het impliciet tot hun dierenrechten rekenen dat zij vers runderhart te eten krijgen, wat weer vragen oproept over mijn medeplichtigheid aan de intensieve veehouderij. Ik kan wel vegetariër zijn, maar van mijn katten mag ik dat niet eisen.

Het idee van dierenrechten – wat niet hetzelfde is als dierenliefde – is betrekkelijk nieuw, bijna even nieuw als het idee van de mensenrechten (dat immers pas stamt uit de tijd van de Verlichting waar conservatieven à la prof. A. Kinneging en het Kamerlid H. Hillen van het CDA nog altijd tegen te hoop lopen).

Wie de crisis in de veehouderij wil aangrijpen voor een fundamenteel debat over de toekomst van deze bedrijfstak en daarbij de dierenrechten, of in ieder geval het dierenwelzijn, wil betrekken, schiet weinig op met een, in feite reactionaire, romantisering van het verleden. In het verlangen naar een nationale of regionale agrarische samenleving uit zich de afschuw van de uitwassen in de bio-industrie en de intensieve veehouderij. Terug naar vroeger? Wat had de Stier van Potter een mooi leven, wat een ruimte in die sappige Hollandse weiden.

Al die enge dingen in `de sector', MKZ, BSE, varkenspest, dioxinekippen, kistkalveren, hormoonvlees, roepen een grondeloze heimwee op naar een plattelandsidylle die nooit werkelijk heeft bestaan, behalve in gedichten zoals `Akkerleven' van de achttiende-eeuwse romanticus Hubert Cornelisz. Poot: Hoe genoeglyk rolt het leven/ Den gerusten Lantmans heen,/ Die zyn zaligh lot, hoe kleen,/ Om geen koningskroon zou geven!

Het idealiseren van dit overgeleverde agrarische beeld zou je bijna doen vergeten dat velen op het platteland in de modder en de stront amper een hongerbestaan bij elkaar konden ploeteren. Afgezien daarvan waren dierenrechten tot voor kort volledig onbekend. Dierenmishandeling was niet strafbaar (denk maar aan de hondenkar, de berendans en het stierengevecht dat in EU-lidstaat Spanje nog met overgave wordt beoefend). Arcadië heeft nooit bestaan, de hele geschiedenis door zijn ook mensen als werkvee beschouwd en behandeld.

De door de veeteeltcrisis acuut geworden discussie over de verhouding economie-ethiek neemt in Nederland de vorm aan van een discussie over Europees versus nationaal beleid. Donderdag verscheen in enkele kranten een open brief aan minister Brinkhorst die namens het platform Biologica was getekend door Ria Beckers met adhesie van tal van milieu- en dierenbeschermingsorganisaties. Voor vaccineren, tegen het afmaken van gezond vee en bevordering van biologische productie: geen weldenkend mens kan het daarmee oneens zijn. Ria Beckers verdient steun, evenals de Stichting Wakker Dier en Leon de Winter die in de Volkskrant schreef: `Ik beschuldig ons allen, mezelf incluis, van wegkijken bij de oorsprong van de vleesproducten in supermarkten en slagerijen. Ik beschuldig onze veeboeren van hypocrisie. Ik beschuldig ons allen van hypocrisie.'

Deze felle, noodzakelijke protesten nemen echter niet het probleem weg dat Nederland vast zit aan de Europese regelgeving. Vandaar dat Biologica minister Brinkhorst vraagt Europa desnoods te negeren, iets wat juridisch niet kan, maar wel een mooi politiek gebaar zou opleveren. Bestaat er zoiets als een beschavingsexceptie op EU-regels? Kan Nederland in Europees verband tot burgerlijke ongehoorzaamheid overgaan, desnoods met een beroep op de nationale soevereiniteit, zaliger nagedachtenis?

Zelf zei Brinkorst niet aan de Brusselse leiband te willen blijven lopen als de EU noodvaccinaties tegen MKZ had tegengehouden. Steeds meer dierenartsen, virologen en andere deskundigen, onder wie veeboeren, proberen alternatieven aan te dragen voor de EU-dictaten op agrarisch gebied. Verscheidenheid, decentralisatie, kleinschaligheid, regionalisering, natuurbeleid, recreatie, biologisch boeren voor lokale markten – dat alles zou in de plaats moeten komen van de Europese moloch die volgens de verontruste milieuorganisaties en alternatieve boeren de Nederlandse veehouderij verslindt.

Het is intussen maar de vraag of Nederland op eigen houtje kan komen tot de wenselijke erkenning van dierenrechten en de noodzakelijke terugdringing van de bio-industrie. Een Nederlandse Alleingang in Europa lijkt me een illusie. Zijn Nederlanders minder op winstbejag en exportbelang gericht dan de Europese partners en hechten zij meer betekenis aan het dierenwelzijn? En zou dat ook zo zijn als niet hier maar in bijvoorbeeld Italië bedrijven werden `geruimd'?

Nederland stond in 1991 van harte achter het Europese vaccinatieverbod. D66-Kamerlid P. Veerman herinnerde deze week aan de rol van de CDA-bewindslieden Braks en Bukman: `Ons land werd destijds geregeerd door varkenshouders. Het CDA was aan de macht. Die partij had een grote aanhang in Brabant. En daar hadden de varkensboeren het voor het zeggen.' Nu GroenLinks en het CDA samen paars te lijf gaan met praatjes over `aandacht, warmte en mededogen' en elkaar feliciteren met hun gezamenlijke `waarden die niet in geld kunnen worden uitgedrukt', is het wel aardig daar even aan te herinneren: GroenLinks lonkt naar de grootste varkensslachters uit de geschiedenis. Maar ook paars, heel Nederland stelt, alle huichelarij bij de `ruimingen' ten spijt, economie boven ethiek. Om barbaarse industriële grootschalige dierenmishandeling uit te bannen is een Europese aanpak en internationale overeenstemming nodig, zoals ook mensenrechten in internationale verdragen zijn geregeld.

Soms denk je dat de beschaving nooit vooruit gaat. Ruimen, afslachten, liquideren, die termen zijn vrees ik zo oud als de mensheid. In ieder geval is de praktijk zo oud: mensen zijn in staat opstandelingen uit de weg te ruimen, aanhangers van religies, leden van een klasse, inwoners van landstreken, en hele volkeren uit te roeien, al dan niet voorzien van een redenering aangaande economische noodzaak, nationaal belang of zelfs met een beroep op eeuwige waarden.

Als Nederland-alleen iets kan, dan is dat meegenomen, maar de tijd van de Stier van Potter komt niet terug en duurzame vooruitgang in de humanisering van het moderne agrarische bedrijf is alleen mogelijk door middel van Europese samenwerking, internationale handelsafspraken en verdragen ter bescherming van de rechten van het dier.