RVV op zoek naar nieuw spoor

De Rijksdienst voor de keuring van Vee en Vlees (RVV) onderzoekt een nieuw spoor in de MKZ-crisis. Volgens informatie van veearts R. Schuurmans uit Epe, die de ziekte voor het eerst aantrof op de boerderij in het Gelderse Oene, is de ziekte mogelijk verspreid door een bezoeker uit het buitenland.

Tot nu toe gaat het ministerie van Landbouw er van uit dat de besmettelijke dierenziekte Nederland is binnengebracht door een transport van 230 Ierse kalveren. Dat had de besmette Franse rustplaats in Mayenne aangedaan. De beesten zijn daarna vervoerd naar Oene, Beesd en Sprang-Capelle.

Volgens de dierenarts is het ,,hoogst onwaarschijnlijk'' dat de ziekte zo is binnengekomen, omdat gisteren is gebleken dat de Ierse kalveren in Beesd niet ziek waren. Schuurmans: ,,Als de kalveren in Beesd geen mond- en klauwzeer hadden, waren de kalveren in Oene ook niet de bron. Ze zijn samen vervoerd. Toch is de ziekte in Oene uitgebroken. Uiteindelijk bleken 78 geiten besmet. Dat betekent dat er een andere bron was.''

Als de kalveren de ziekte niet meegebracht hebben, was het mogelijk een bezoeker. Schuurmans en de boer in Oene, G. van der Weerd, denken aan een persoon die vier dagen voordat de eerste geiten symptomen kregen in de stal is geweest. De persoon is ook in het buitenland geweest. Meer wil Schuurmans niet zeggen. Hij heeft de RVV ingeschakeld. Die volgt nu dit mogelijk nieuwe spoor.

Minister Brinkhorst erkende gisteren dat tracering van het virus in een nieuwe besmettingshaard, Kootwijkerbroek op de Veluwe, hem zorgen baart. Het bedrijf had voor zover bekend geen contact met de Mayenne en evenmin met Oene, waar de andere negen gevallen zijn.

LTO-voorzitter G. Doornbos bepleitte gisteren dat veehouderijen sneller en effectiever moeten worden geruimd in de omgeving van mond- en klauwzeerhaarden. Doornbos heeft kritiek op de RVV, die onvoldoende capaciteit zou hebben, terwijl nog veel mensen die kunnen helpen niet ingezet worden. Hij noemde in dit verband dierenartsen. Bij ruiming gaat het om `risico-dieren' die snel moeten worden gedood, aldus Doornbos.