Risk Hazekamp

Stierenvechters zijn nauwelijks mensen. Personages zijn het, eendimensionale acteurs die hun toeschouwers alleen maar wat uitvergrote eigenschappen tonen. Machismo, vechtlust, stoerheid allemaal clichés, die erom smeken onderuitgehaald te worden. Rineke Dijkstra deed dat al eens in mooie serie van gehavende stierenvechters na hun strijd. Nu, op haar tentoonstelling Never been to Spain bij Cokkie Snoei, komt ook Risk Hazekamp met twee foto's en een video over toreadores. Net als Dijkstra benadrukt Hazekamp vooral de achterkant van het machismo. Curieus is de foto waarop de billen van twee vechters te zien zijn, gestoken in strakke stretch-broeken een begint er net uit zijn bilnaad te scheuren. Beter nog is de korte video Warm up, waarin we een groepje jonge vechters zich zien voorbereiden op de confrontatie met de stier. De variatie aan grimassen die ze in hun zenuwen trekken zou door Rowan (Mr. Bean) Atkinson nauwelijks overtroffen kunnen worden.

Hazekamp is geïntrigeerd door macho-clichés en ze heeft zich duidelijk ten doel gesteld die te kantelen. Op de tentoonstelling zijn drie soorten foto's te zien: stierenvechters, landschappen en portretten. En allemaal zijn ze niet wat ze lijken. De landschappen doen sterk denken aan de klassieke prairies die je in iedere cowboy-film tegenkomt. Kale vlaktes, af en toe een boom, en een verweerd uithangbord langs de weg. Clint Eastwood zou ieder moment in beeld kunnen schuiven, maar de foto's zijn genomen in Zuid-Spanje, in een omgeving waar veel fameuze spaghetti-westerns werden gefilmd.

Dat de Spanjaarden zich van die reputatie bewust zijn, blijkt weer uit Mini-Hollywood (2001), een foto van een filmdecor, midden in de kale Zuid-Spaanse woestijn. Uit sommige hagelnieuwe stukken hout wordt duidelijk dat het geen origineel decor is. Deze façade werd louter neergezet als toeristenattractie, als herinnering aan vervlogen spaghetti-tijden. Maar hoe intrigerend dat ook klinkt, het idee achter de foto is beter dan Hazekamps uitwerking. Het wreekt zich dat Hazekamp de toeschouwer nauwelijks een stuk van de voorkant laat zien. Daardoor laat ze de kans lopen ook een stuk van de decor-illusie te tonen.

De portretten, die ook allemaal in het Zuid-Spaanse spaghetti-landschap zijn gesitueerd, hebben een soortgelijk probleem. Hoofdpersoon is in dit geval geen cowboy of stierenvechter, maar Hazekamp zelf. Ze poseert nadrukkelijk als een androgyne persoonlijkheid, een meisje waarbij je even twijfelt of ze toch geen jongen is. Op de foto's zet Hazekamp die twijfel nog aan door zich in verwassen jeans en spijkerjasjes te hullen. Ze poseert, kortom, als androgyne cowboy.

Maar ook hier is het idee beter dan de uitwerking. Dat komt in dit geval doordat Hazekamp zichzelf te nadrukkelijk op de voorgrond plaatst. Te veel persoon en te weinig personage. Hoe langer je naar de foto's kijkt, hoe meer je verlangt naar wat Cindy Sherman-achtig lef bij Hazekamp om dat androgyne wat te verscherpen. Nu zien we iedere keer een jonge vrouw die in jeans en jeans-jack zo stoer mogelijk in de camera kijkt. De blik is pril en heeft weinig met machismo te maken. De cowboy zit meer in haar hoofd en in het landschap dan in het beeld. Het is een interessant thema dat Risk Hazekamp te pakken heeft, maar ze kan nog wel wat regie gebruiken.

Risk Hazekamp: Never been to Spain. T/m 15 april in galerie Cokkie Snoei, Mauritsweg 55, Rotterdam. Tel: (010)4129274. Open do t/m zo 13-18u.