`IJzeren' Poetin zaait rust en oogst twijfel

Poetin vierde zijn eerste jaar als gekozen president door zijn vertrouwelingen op `krachtministeries' te plaatsen. Krijgt Rusland nu de `echte Poetin' te zien?

,,Na één jaar vragen we ons nog altijd af: waar staat Poetin? Een land mag meer verwachten van zijn president.''

De Russische pers keek begin deze week wat somber terug één jaar Poetin als gekozen president. Het beeld van de wilskrachtige leider was afgebladderd. Door de verf schemerde een bureaucraat, wiens glimlach leegte en onzekerheid verborg. Een tomeloze reiziger, die liever onder de groten der aarde verkeert dan keuzes maakt over de koers van Rusland.

De kiezers waren vorig jaar danig onder de indruk van de energieke judoheld die met evenveel gemak in een onderzeeër als in een straalvliegtuig sprong en de Tsjetsjeense terroristen zou ,,afmaken op de plee''. `IJzeren Poetin' bracht rust en orde. In dat beeld gelooft driekwart van de Russen nog steeds. `Een krachtig leider' met een `mannelijk karakter', klonk het deze week in straatinterviews. Maar de intelligentsia twijfelen.

Woensdag sloeg Poetin toe op zijn `krachtministeries'. Zijn vertrouwelingen zwermen nu uit over de departementen van Defensie en Binnenlandse Zaken. Leden van `de Familie', de bestuurders die Poetin van zijn voorganger Jeltsin erfde, ruimen het veld. Daarmee zijn de mannen van Jeltsin niet van het toneel. Michail Kasjanov is nog altijd premier, Aleksandr Volosjin chefstaf van het Kremlin. Een echte ,,herstructurering'' van de regering bevindt zich pas in het ,,planstadium'', zei gisteren een anonieme Kremlin-insider.

Veel waarnemers beschouwen de Familie als een obstakel voor hervormingen. Zij troefden vorig jaar Poetins aanhang uit St. Petersburg en de veiligheidsdienst FSB af en bemachtigde cruciale posties. Een jaar krijgen ze, dan installeert Poetin zijn eigen ploeg, werd toen gezegd. Dat jaar leverde een magere oogst op, hoewel Poetin door de hoge olieprijs, een volgzaam parlement en zijn torenhoge populariteit volop speelruimte had. Poetin herstelde het oude Sovjet-volkslied in ere, reisde de wereld af en voerde een onbesliste loopgravenoorlog tegen oligarch Vladimir Goesinski.

Twee portretten hangen in mijn werkkamer, vertelde Poetin vorig jaar: tsaar Peter de Grote en Charles de Gaulle. Peter de Grote stond voor een snelle verwesterlijking, De Gaulle voor nationale trots en herstel van de staatsmacht. Hoe staat het inmiddels met Peter de Grote? Een oude bondgenoot uit St.Petersburg, German Gref, schreef een ambitieus hervormingsplan voor de economie. Volgens die blauwdruk moet er een nieuwe belastingcode komen, heldere wetten op bedrijfsbelasting en douaneheffingen, een landcode die bezit, verkoop en pacht van grond mogelijk maakt, transparantie in het banksysteem en bedrijfsboekhoudingen, het opbreken van de grote gas- en stroommonopolies, terugdringing van de invloed van de bureaucratie, meer toegang voor buitenlandse investeerders en betere bescherming van aandeelhouders.

Één element is nu gerealiseerd: de nieuwe belastingcode. De rest is tot nader order uitgesteld, want premier Kasjanov heeft geen haast. Deze voormalige planeconoom en goochelaar met staatsschulden is de man van de status-quo. Kasjanov bagatelliseerde het plan-Gref, nam het uiteindelijk toch aan, maar voert het nauwelijks uit.

Ook de hervorming van de rechtspraak stagneert. Momenteel commandeert het Kremlin het openbaar ministerie, doet de gouverneur in de provincie hetzelfde en gehoorzaamt de rechter de aanklager. Deze week zocht Poetin in de Doema steun voor een pakket maatregelen om de positie van de rechter en het ministerie van Justitie te versterken. Maar procureur-generaal Oestinov, ook een Familieman, verzet zich met man en macht tegen inperkingen de macht van zijn openbaar ministerie. In januari trok Poetin een wetsvoorstel in, dat rechters de bevoegdheid gaf te toetsen of een een verdachte in voorarrest mag blijven. Nu heeft de aanklager op dat punt vrij spel. De vraag is hoever de president wenst te gaan: onafhankelijke rechtspraak vermindert ook zijn speelruimte.

Charles de Gaulle dan. Poetin beloofde het herstel van de `verticaal'. Rusland was onder Jeltsin uiteengevallen in 89 koninkrijkjes, bestuurd door almachtige regiogouverneurs. Dat zou veranderen. Poetin zette de gouverneurs uit de Federatieraad, de Russische Eerste Kamer, en stelde ze onder toezicht van zeven `supergouverneurs'. Maar hij betaalde een hoge prijs, zo bleek: in januari nam de Doema een wet aan die zittende gouverneurs de mogelijkheid geeft tot een derde of zelfs vierde termijn. Wat ze in Moskou inleveren, krijgen ze in hun wingewesten terug. Van Poetin's `supergouverneurs' wordt nog weinig vernomen. En bij lokale verkiezingen blijkt het Kremlin zelden in staat zijn kandidaten te laten winnen.

De `verticaal' lijkt vooral een kwestie van sfeer. Gouverneurs buigen weer voor Moskou, maar gaan hun eigen gang. De zaak-Nazdratenko is tekenend. Deze gouverneur in Ruslands Verre Oosten gold hij als schoolvoorbeeld van maffioos wanbestuur. Afgelopen winter bleek Nazdratenko opnieuw niet in staat zijn burgers warmte en stroom te leveren. Nationale woede ten spijt kon Poetin hem slechts promoveren tot hoofd visserij. Rusland grapt nu al over de komende visschaarste.

Vergelijkbaar is Poetins omgang met de oligarchen, de kleine groep superrijken die in de jaren negentig voor een appel en een ei hele sectoren van de economie in de schoot geworpen kregen. Niet langer zouden zij de staat manipuleren voor hun privébelangen, zo heette het. In werkelijkheid kregen slechts twee oligarchen de toorn van het Kremlin over zich heen: Vladimir Goesinski en Boris Berezovski. Beiden omdat ze iets hebben dat Poetin en zijn imagobouwers zelf begeren: landelijke tv-zenders. Andere oligarchen gaat het voor de wind; de vervlechting tussen de bureaucratie en hun zakenimperia blijft.

De Kremlingezinde analist Sergej Tsjoegajev presenteerde onlangs de `echte Poetin'. Geen mannetjesputter, maar een behoedzame schaker. De logica van de Russische politiek gebiedt dat een leider eerst zijn eigen netwerk opbouwt in het apparaat. In Rusland geen meeslepende eerste 'honderd dagen', zoals in Amerika. Pas nu kan Poetin oogsten, meent Tsjoegajev. Commentator Anatoli Kostjoekov spreekt daarentegen over zastroi – stagnatie, de naam waaronder het Breznjev-bewind de geschiedenisboeken inging. Poetin dobbert rond in de status quo van de late Jeltsin-jaren. ,,Het schip van staat wordt niet bestuurd vanaf de brug, maar door de stroming. En of die richting Europa of India loopt, dat weten we nog niet.''