`Eurocommissaris wist van fraude in vlasteelt'

De Spaanse Eurocoomissaris Loyola de Palacio moet vóór haar aantreden geweten hebben dat in Spanje op grote schaal fraude werd gepleegd met Europese subsidies voor vlasteelt.

Dit stelt de Nederlandse Europarlementariër Theo Bouwman (GroenLinks). Hij baseert zich voor deze beschuldiging op een niet gepubliceerd rapport van de dienst voor fraudebestrijding van de Europese Unie, Olaf, dat hij heeft mogen inzien.

De Palacio, die van 1997 tot 1998 minister van Landbouw in Spanje was, zei voor haar aantreden als Eurocommissaris in september 1999 tijdens een hoorzitting in het Europees Parlement dat zij niets wist van fraude in de vlassector. Zij zei ook dat zij zou aftreden als een soortgelijke situatie zou ontstaan als bij de Commissie-Santer. Die trad twee jaar geleden voltallig af nadat de Franse Commissaris Edith Cresson had geweigerd op te stappen na beschuldigingen over vriendjespolitiek.

Uit de door Olaf achterhaalde gegevens blijkt volgens Bouwman dat de fraude in de Spaanse vlassector in de zomer van 1999 bekend was. De Palacio moet er volgens hem van op de hoogte zijn geweest. Hij wil van voorzitter Romano Prodi van de Europese Commissie weten waarom de De Palacio nog niet is afgetreden.

Het Olaf-rapport gaat niet in op de politieke verantwoordelijkheid voor de vlasfraude, waarmee 50 miljoen euro was gemoeid. De Palacio heeft gezegd als voormalig minister van Landbouw niet verantwoordelijk te zijn geweest voor de controle op de besteding van Europese subsidies. Dat was volgens haar een zaak van de regionale Spaanse overheden. Zij heeft tot nu toe de steun van zowel Prodi, als de Spaanse premier José Maria Aznar en de christen-democratisch/conservatieve fractie in het Europees Parlement.