Arafats Fatah dreigt met aanvallen in Israël

De Fatah-beweging van de Palestijnse leider Yasser Arafat heeft voor het eerst openlijk gedreigd aanvallen uit te voeren binnen Israël als het Israëlische leger doelen in Palestijnse steden blijft aanvallen.

Daarmee is de spanning in het gebied verder opgevoerd. Vandaag werden grote Arabische demonstraties in Israël ter gelegenheid van `Landdag' met bezorgdheid afgewacht. De Arabieren herdenken de harde onderdrukking van protesten tegen de confiscatie van Arabisch land door Israël in 1976.

Fatah reageerde op Israëlische mededelingen dat de helikopteraanvallen van woensdagavond op gebouwen van Arafats lijfwacht Eenheid 17 in de Palestijnse steden Ramallah en Gaza slechts het begin vormden van een langdurig offensief tegen Palestijns terrorisme. Arafat zelf onderstreepte gisteren in antwoord op die aanvallen dat de Palestijnse opstand zal doorgaan tot de Palestijnse vlag wordt gehesen in Jeruzalem, ,,hoofdstad van de toekomstige Palestijnse staat, of men dat nu leuk vindt of niet''.

Officieel voert Fatah tot dusverre geen aanvallen uit binnen Israël. Maar de Israëlische premier Ariel Sharon heeft Arafat en de zijnen diverse malen verantwoordelijk gesteld voor een reeks aanslagen in Israël waarvoor de fundamentalistisch-islamitische beweging Hamas de verantwoordelijkheid heeft opgeëist.

,,Wij zeggen tegen de Israëliërs dat onze steden geen open doelen zijn voor de vijand en dat als zij onze steden en burgers treffen, elke plaats in Israël legitiem doelwit is voor onze strijders en onze revolutionairen'', aldus Ahmad Helles, secretaris-generaal van Fatah in de Gazastrook. ,,Agressie tegen ons land zal niet zonder vergelding blijven'', zei hij op een bijeenkomst in Gaza op de vooravond van Landdag.

De Israëlische politie hield vandaag wegens de grote spanning onder de Israëlische Arabieren rekening met het uitbreken van nieuwe anti-Israëlische demonstraties. De Arabieren zijn niet vergeten dat in oktober 13 Arabische demonstranten werden doodgeschoten door de Israëlische politie tijdens demonstraties uit solidariteit met de Palestijnse opstand. Een grote politiemacht is in Galilea en in de Negev-woestijn op de been om het blokkeren van wegen door Arabische demonstranten te voorkomen. Arabische leiders hebben de politie op het hart gedrukt de Arabische dorpen en steden niet binnen te trekken om onlusten te voorkomen.

De Amerikaanse president George W. Bush gaf Arafat gisteren de schuld van het geweld in het Midden-Oosten. Op een persconferentie in Washington zei hij Arafat ,,luid en duidelijk'' te verstaan te geven dat hij een eind moet maken aan het geweld, zodat het vredesoverleg kan worden hervat. Onderminister van Buitenlandse Zaken Edward Walker ging nog een stap verder. Hij zei tegenover Congresleden dat, terwijl de regering-Sharon zich constructief had opgesteld, Washington niets dergelijks van Arafat had gezien.

AFSLUITINGEN: pagina 4