Planbureau: jaarlijkse groei van 2,25 pct

Een volgend kabinet moet, net als het huidige, uitgaan van een ,,voorzichtige trendmatige'' groei van 2,25 procent per jaar voor de komende vier jaar. Dit groeiscenario ligt een kwart procent onder de jaarlijkse te verwachten groei in de periode 2003-2006.

Dat heeft directeur H. Don van het Centraal Planbureau (CPB) bekendgemaakt in een vandaag verschenen publicatie. Het is voor het eerst dat het planbureau een voorzichtige raming maakt van de economische verwachtingen voor een volgende kabinetsperiode.

Reden voor de lagere economische groei is de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt. Er komen verhoudingsgewijs te weinig mensen bij op de arbeidsmarkt en door de toenemende vergrijzing stappen er te veel mensen uit.

De cijfers van het CPB zijn van belang voor de verkiezingsprogramma's die de politieke partijen aan het opstellen zijn voor de verkiezingen in mei 2002.

Ook voor de huidige regeerperiode ging minister Zalm (Financiën) uit van ,,een behoedzame groei'' van 2,25 procent per jaar. De werkelijke groei lag de afgelopen jaren echter rond de vier procent. Afgelopen dinsdag nog meldde het CPB voor dit jaar uit te gaan van een groei van 3,25 procent en van 2,75 procent voor 2002.

Het CPB erkent overigens dat de trendmatige groei van de afgelopen jaren eerder rond de 2,5 dan rond de 2,25 procent ligt, maar houdt vast aan een advies van de Sociaal Economische Raad, vorig jaar, om een onzekerheidsmarge aan te houden.

Het huidige regeerakkoord gaat uit van een onzekerheidsmarge van 0,5 procent, maar die marge is aan de hoge kant omdat het rijk inmiddels een begrotingsoverschot in plaats van een -tekort heeft. De marge van 0,25 procentpunt is volgens het CPB dan ook voldoende waarborg om tegenvallers in de begrotingen tot een minimum te beperken.