Duitse nutsbedrijven: de twee lelijke zusjes

RWE staat niet voor Reactie op Wilde Excessen, maar dat zou eigenlijk wel moeten. Beleggers zullen opgelucht zijn nu het grootste Duitse nutsbedrijf na een expansief beleid in het buitenland thuis eindelijk orde op zaken stelt. De joint venture met Shell met betrekking tot het grootste netwerk van benzinestations in Duitsland zal 150 miljoen dollar aan synergie-effecten opleveren en kan uiteindelijk uitmonden in het afstoten van deze belangen. Ook een deel van het belang van 56 procent in drukker Heidelberger zou best verkocht mogen worden, maar daarmee zou RWE er nog niet zijn. Er wordt slechts door benadrukt hoezeer het concern nog een conglomeraat is. En de vrees blijft bestaan dat het in het kasgeld zwemmende RWE de aandelenkoers opnieuw schade zal toebrengen als het bedrijf weer inkopen gaat doen in het buitenland. Nadat het vorig jaar veel te veel betaald heeft voor Thames Water, dreigt het nu te veel te gaan betalen voor Cantabrico.

E.ON, de grootste Duitse concurrent van RWE, heeft zich al ontdaan van de meeste niet-strategische belangen, met name in de telecomsector, en bulkt nu van het geld. Daarmee wil het concern de buitenlandse markt opgaan. Topman Ulrich Hartmann heeft niet alleen het Britse energiebedrijf Powergen in zijn vizier, maar ook een aantal Spaanse, Amerikaanse en Oostenrijkse firma's. Geen wonder dat beleggers verontrust zijn.

Powergen is voor een prijs van 700 pence per aandeel – minder dan de huidige koers – zo'n 9,5 miljard pond sterling waard, inclusief schulden. Maar zelfs bij die prijs zou voor E.ON het rendement vóór belastingen slechts 8,5 procent zijn, tegen 11,2 procent aan kosten. Omdat fusies over de grenzen heen vaak weinig kostenbesparingen opleveren, is de kans klein langs die weg geld terug te kunnen verdienen.

Hartmann weet dat hij moet bewijzen dat hij een deal kan sluiten die lonend is. Dat kan verklaren waarom de onderhandelingen met Powergen al zo lang duren en tot dusver vruchteloos zijn gebleven. Beleggers bereiden zich op het ergste voor: de aandelenkoers van E.ON is sinds januari, toen het blijk gaf van zijn belangstelling voor Powergen, met 16 procent gedaald. Uiteraard hoeft het allemaal niet zo slecht af te lopen. Maar totdat Hartmann erin slaagt om zijn eerste fusie over de grenzen heen met succes af te ronden, is er voor beleggers alleen het slechte voorbeeld van RWE.

Onder redactie van Hugo Dixon. Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld