Zwart geld op de vlucht voor euro

Geen mens, en ook de fiscus niet, weet hoe groot de berg zwart geld is die voor de komst van de euro wordt witgewassen, bijvoorbeeld door omwisseling in het buitenland. Achteraf krijgt minister Zalm een indruk door de terugkeer van miljoenen duizendjes bij De Nederlandsche Bank.

De kapitaalvlucht uit Nederland is in volle gang. Met het oog op de komst van de euro zijn Nederlanders bezig zich te ontdoen van contant geld waarvan het bezit bij de fiscus niet bekend is. Contant geld moet over ruim negen maanden omgewisseld worden in euro's, wil het niet waardeloos worden.

Er zijn vele manieren om dat te doen zonder dat de Belastingdienst gealarmeerd wordt, zoals omzetten in waardevaste goederen en naar het buitenland brengen. De vluchtroutes zijn bekend en met een dichtgeknepen oog van de autoriteiten stevent Nederland af op de grote omwisseling.

Een graadmeter voor de kapitaalvlucht vormen de bankbiljetten die uit het buitenland terugkomen naar De Nederlandsche Bank (DNB). De route is als volgt: iemand heeft bijvoorbeeld vijftigduizend gulden contant geld. Dit bedrag wisselt hij in Zwitersland om in Zwiterse francs, of hij stort het op een bankrekening in een belastingparadijs of hij gebruikt het als aanbetaling voor een Mediterraan vakantiehuis. Via het internationale financiële systeem komen deze bankbiljetten weer terug bij de instantie die ze in omloop heeft gebracht, De Nederlandsche Bank.

Vooral de terugkeer van briefjes van duizend gulden is een indicatie van kapitaalvlucht. Het biljet van duizend gulden is populair onder bezitters van zwart geld en in het criminele circuit. Er is veel `zwart', of, zoals deskundigen het noemen, `niet-gefiscaliseerd' geld in omloop. Niet alleen in criminele kringen, op veemarkten of de tweede hands-automarkten, maar ook in het particuliere circuit van huis-, tuin- en keukenonderhoud.

De gegevens van DNB over de teruggekeerde bankbiljetten tonen een opmerkelijke stijging in de afgelopen twee jaar.

De totale waarde van de bankbiljetten die De Nederlandsche Bank in omloop heeft gebracht, bedraagt omstreeks 40 miljard gulden waarvan een aanzienlijk bedrag (12 à 20 miljard gulden) contant door huishoudens wordt aangehouden. Dat wil zeggen: geld dat in spaarpotten zit, onder de matras ligt of zich in bankkluisjes bevindt. Een derde van de contante geldwaarde, 13,7 miljard, bestaat uit briefjes van duizend. In totaal zijn er dus 13,7 miljoen briefjes van duizend gulden in omloop en vorig jaar kwam meer dan tien procent hiervan terug uit het buitenland.

Begin jaren negentig was er ook een opmerkelijke toename in de duizendjes die uit het buitenland terugkwamen. Dat had te maken met de commotie die was ontstaan na uitspraken van toenmalig minister van Financiën Kok over belasting op spaartegoeden. Prompt stroomde massaal contant geld naar rekeningen in België, Luxemburg of andere belastingparadijzen – en vandaar weer naar De Nederlandsche Bank.

In 1996 kwam ter waarde van 490 miljoen gulden aan briefjes van duizend terug uit het buitenland en in 1997 en 1998 ging dit bedrag licht omhoog. Maar in 1999 bedroeg het 1,2 miljard gulden en in 2000 steeg het naar 1,7 miljard gulden, ruim drie keer zoveel als in 1996. Niet alleen het aantal duizendjes dat terugkomt, neemt toe. Sinds 1996 is het totale bedrag aan bankbiljetten dat uit het buitenland terugkwam naar DNB gestegen van 1,5 miljard gulden naar 4,7 miljard gulden vorig jaar. Ook dit vormt een indicatie voor de groeiende kapitaalvlucht voorafgaand aan de introductie van de euro.

Minister Zalm heeft gezegd dat bij de omwisseling extra gelet zal worden op sporen van zwart en/of crimineel geld. Echt van harte gaat dat niet, want tegelijkertijd willen de Europese ministers van Financiën dat de euro-omwisseling zo soepel mogelijk verloopt. Dat betekent: niet al te moeilijk doen over de omwisseling, want daardoor zouden burgers maar worden afgeschrikt en met hun zwarte geld naar belastingparadijzen buiten de Europese Unie vluchten.

De EU heeft in 1991 een richtlijn opgesteld om witwassen tegen te gaan. In Nederland geldt een meldplicht voor financiële instellingen in het kader van de Wet MOT (Melding Ongebruikelijke Transacties). Bedragen vanaf 25.000 gulden en bepaalde verdachte omstandigheden moeten worden gemeld in Zoetermeer. Het aantal meldingen loopt op sinds de politie de zaak beter heeft georganiseerd: vorig jaar waren er 45.000 meldingen, waarvan ongeveer een kwart als `verdacht' aan Justitie werd doorgegeven. Hiervan gingen 876 gevallen naar de FIOD.

Er zijn contante transacties mogelijk die niet onder de MOT-wetgeving vallen, zoals de aankoop van kunst, edelmetalen en edelstenen. Zalm zei vorige maand in de Kamer dat de verkoop van diamanten en goud binnenkort ook MOT-waardig zullen zijn. De opmerkelijke aanbiedingen van een Amsterdamse diamantair om tot 2010 voor contante guldens diamanten te verkopen, lijkt hiermee als wisseltruk te zijn afgesloten.

Andere branches blijven mogelijkheden bieden. In de kunst- en antiekhandel doet bijvoorbeeld de volgende constructie opgang. Een bezitter van niet-gefiscaliseerd geld laat een kunstwerk uit zijn bezit via een bevriende relatie inbrengen op een kunstveiling. Daar koopt de oorspronkelijke eigenaar het kunstwerk voor een buitensporig hoog bedrag terug. Na de veilingtransactie is het geld gewit, de betrokkenen vereffenen onderling de rekening en het kunstwerk hangt weer aan de muur bij de oorspronkelijke eigenaar.

Wie geen risico wil lopen om met het MOT-team of de FIOD in aanraking te komen en toch grote bedragen aan contant geld wil wisselen, kan het beste naar het buitenland uitwijken. Bij makelaars van vakantiehuisjes in Zuid-Frankrijk of Spanje is het gebruikelijk dat een deel van de aankoopsom contant wordt betaald. Het tweede huis moet wel worden opgegeven in box drie van inkomstenbelasting.

Echt veilig is het om langs te gaan in een belastingparadijs waar fiscale anonimiteit is verzekerd. Maar zelfs in Liechtenstein, dat het strengste bankgeheim van Europa kent, moeten de banken tegenwoordig vragen stellen als een onbekende met een koffer vol contanten binnenkomt. Anonieme bankrekeningen zijn daar niet meer mogelijk, al blijft belastingontduiking voor het vorstendom geen reden om informatie aan de buitenlandse fiscus te verstrekken.

DOSSIER EURO www.nrc.nl