Marcia Gay Harden

In de reeks profielen van eigentijdse sterren deze week Marcia Gay Harden, die zondag verrassend de Oscar voor de beste vrouwelijke bijrol kreeg voor haar vertolking van Lee Krasner in de filmbiografie Pollock.

Ooit kreeg Marcia Gay Harden van een New-Yorkse casting director te horen dat haar kansen in Hollywood gering waren. Ze mocht dan afgestudeerd theaterwetenschapper zijn, de studio's zaten niet te wachten op een actrice met zulke wijde neusgaten en volle lippen. Allang voor het winnen van de Oscar voor haar inderdaad voortreffelijke vertolking van schilderes Lee Krasner, echtgenote en muze van Jackson Pollock in de filmbiografie Pollock van en met Ed Harris, had Harden die opmerking gelogenstraft, door rollen in mainstreamfilms als Flubber, Desperate Measures en Meet Joe Black. Bovendien oogstte Harden (La Jolla, Californië, 14 augustus 1959) veel lof voor haar rol van klassieke Hollywood-schoonheid Ava Gardner in de televisiefilm Sinatra (1992).

Een opvallend debuut maakte Harden in 1990, als schietgrage gangster moll in Joel en Ethan Coens genrestudie Miller's Crossing. Ze excelleert in de typering van zelfstandige, eigenzinnige vrouwen die macho's aanvankelijk niet zien staan, omdat ze niet aan de geijkte schoonheidsnormen voldoet. Uiteindelijk windt ze hen om de vinger en biedt steun als de heren zichzelf naar de verdommenis helpen. In dat opzicht lijkt Hardens rol in Pollock, met als hoogtepunt het moment dat ze zwijgend haar rok uitdoet en in het halfduister de alcoholistische, nauwelijks tot verbale communicatie in staat zijnde schilder voorgaat naar de slaapkamer, wel wat op die van de vrouwelijke NASA-arts in Clint Eastwoods Space Cowboys. Aarzelend, maar onherroepelijk valt ze voor de oudere astronaut Tommy Lee Jones en geeft hun beider leven een onverwachte wending.

Aanvankelijk was Harden vooral te zien in kleinere, onafhankelijk geproduceerde films. Ze was de lesbische minnares van een tiener in Crush (Alison Maclean, 1992) en werd door producent Steven Soderbergh geselecteerd voor een rolletje in The Daytrippers (Greg Mottola, 1996). Het grote publiek maakte voor het eerst kennis met Harden in de komedie The First Wives Club (Hugh Wilson, 1996), als de therapeute van Diane Keaton, die er met haar man vandoor gaat.

De vrouw in een witte jas, arts of wetenschapper, met onvermoede kanten leek tot nu toe een rol waar Harden graag in gecast werd. De onverwachte Oscar zou daar verandering in kunnen brengen, maar dat is verre van zeker. Een probleem is wellicht dat het om meer redenen bezienswaardige Pollock niet op een erg brede verspreiding kan rekenen. In Nederland bijvoorbeeld heeft de film, na de onopvallende vertoning tijdens het International Film Festival Rotterdam, tot op heden geen bioscoopdistributeur gevonden.