In Macedonië moet dialoog snel beginnen

De Macedoniërs zeggen bereid te zijn ,,de lessen te leren'' uit het geweld van de afgelopen twee weken. De dialoog met de Albanese minderheid moet zo snel mogelijk beginnen.

De kanonnen bulderen niet meer, de kalasjnikovs antwoorden niet meer. Het is stil in de heuvels rond de stad Tetovo in het noordwesten van Macedonië, ook al begon het leger vanochtend nog wel een `schoonmaakoperatie' in het gebied waar een krappe twee weken lang Albanese rebellen en Macedonische troepen tegen elkaar hebben gevochten.

De buitenland-gezant van de EU, Javier Solana, stapte gisteren in Tetovo arm in arm met de Albanese burgemeester over het centrale plein en zoende later de Albanese politieke leider Arben Xhaferi hartelijk op de wang.

Het gematigde militaire optreden van de Macedonische regering is alom geprezen. Bij het offensief zijn nauwelijks slachtoffers gevallen. Solana deed de toejuichingen gisteren dunnetjes over. ,,Ik denk dat een land het recht heeft zijn eigen territorium te verdedigen. Het moet wel binnen proporties blijven.'' De EU-afgezant riep de rebellen op de wapens neer te leggen een `politiek leven' te beginnen.

Tegelijk riep Solana de Macedonische regering op snel de dialoog met de Albanese minderheid aan te gaan. De Franse minister van Buitenlandse Zaken, Hubert Védrine, ging verder. Hij riep Skopje op snel te handelen en veranderingen in te voeren ,,zoals de erkenning van de Albanese taal en cultuur''.

De regering heeft al eerder aangekondigd over de rechten van de Albanese minderheid in het land te willen praten. Ze wilde echter eerst de rebellen `neutraliseren'. Dat is gelukt. De rebellen hebben hun posities in dorpen als Selce verlaten en zijn de bergen in getrokken. Het woord is aan de politiek.

De Albanezen eisen gelijke behandeling en meer rechten voor de Albanese minderheid in Macedonië. Zo willen ze in de grondwet gelijk worden gesteld aan de Slavische Macedoniërs, willen ze Albanees praten in het parlement en eisen ze de oprichting een door de staat gefinancierde Albaneestalige universiteit.

Skopje is zich bewust van het dreigende gevaar. De dialoog moet snel op gang komen, want de rebellen zijn slechts `geneutraliseerd'. Een adviseur van president Boris Trajkovski liet gisteren weten dat de dialoog breder moet worden gevoerd. De woordvoerder van het ministerie van Binnenlandse Zaken zei: ,,We hebben veel te leren van deze crisis.'' De president zelf verklaarde open te staan voor een politieke oplossing en de mogelijkheid van herziening van de grondwet te willen `bespreken'.

Ook Arben Xhaferi wil praten. Zijn Democratische Partij van Albanezen (PDSh) heeft sterk geleden onder de aanvallen van de rebellen. Xhaferi's partij bekleedt vijf ministerposten in de regering. Maar ze heeft tot nu toe weinig kunnen bereiken voor de Albanezen; té weinig in de ogen van veel Albanezen. De oplaaiende strijd heeft de slinkende achterban van de PDSh verder doen slinken.

De rebellen blijven een donkere wolk boven de politieke onderhandelingen. Zij zitten in de bergen en wachten af. Hun legertje heeft te weinig manschappen en te weinig modern wapentuig om een echte oorlog te ontketenen, maar het heeft wel aangetoond een guerrilla te kunnen beginnen. Hun bevoorradingslijnen vanuit Kosovo zijn allerminst afgesneden. De vredesmacht KFOR is niet bij machte deze aanvoer te verhinderen.

Het is dus van het grootste belang dat de Macedonische regering snel de dialoog aangaat met de Albanese minderheid. De resultaten mogen ook niet te lang op zich laten wachten. Want een nieuwe crisis wacht om de hoek.