Fraude-officier met een missie

Zoals Heer Bommel al zei: ,,We doen ons best, zodoende blijft er veel liggen.'' Zou dat ook gelden voor Henk de Graaff (53), Toonder-fan van het eerste uur? Het lijkt er op: niemand twijfelt eraan dat de Amsterdamse fraudeofficier zijn best doet. Zelden zagen mensen uit zijn omgeving zo'n harde werker. Maar veel liggen blijft er óók.

Het heeft er veel van weg dat de man die dezer weken èn de beursfraudezaken (Operatie Clickfonds), èn de Content – voorkenniszaak, èn een complexe fraudeaffaire bij het voormalige diamantfiliaal van ABN Amro behandelt, zichzelf niet altijd tijd gunt om ècht in de materie te duiken. In de ingewikkelde fraudewetgeving, waar het vaak om finesses gaat, kan hem dat opbreken.

Tijdens zittingen verrast hij soms met een curieuze wending of irrelevant punt. Omdat hij dat combineert met een overtuigende performance, weet hij een verwarrende sfeer te scheppen onder rechters en raadslieden: ,,Is hij nou abuis of zijn wij het'', klinkt het dan.

De zelfopgelegde werkdruk uit zich ook in slordigheden. Foute dagvaardingen, het sturen van dossiers naar de verkeerde mensen, gebrekkige correspondentie: onder advocaten is hij er berucht om. Daar staat tegenover dat hij, áls hij de zaakjes op orde heeft, een vlammend requisitoir kan houden, het liefst gelardeerd met een maatschappelijke – of morele toets.

Henk de Graaff, een echte familyman en vader van twee zonen, begon in de theologie, werd godsdienstleraar en was actief in de missie in Afrika. Later deed hij in recordtijd een rechtenstudie, waarna hij in 1994 officier van justitie werd.

Per 1 maart 1996 stortte hij zich op de financiële sector. Dat is van nature niet zijn wereld. Af en toe spreekt hij op chique congressen over voorkenniswetgeving. Tussen de Armani-pakken valt hij met zijn iets te hoog opgeknoopte Bommel-das uit de toon, maar dat deert hem niet. Het gaat om het uitdragen van wet en rechtvaardigheid.

De Graaff doceert het liefst en dat is tegelijkertijd zijn probleem. Op het parket, onder advocaten, zelfs binnen de rechtbank hoor je het: zijn gedrevenheid is groot, met delegeren heeft hij moeite en zijn flexibiliteit heeft de marge van een elastiekje. Zelfreflectie is niet zijn sterkste punt. Maar zijn incasseringsvermogen is groot en ondanks zijn geslotenheid is hij vriendelijk, behept met droge humor en loyaal ten opzichte van collega's.

Zijn wapenfeiten zijn redelijk. Clickfonds is zijn magnum opus. Ondanks de kritiek, zal De Graaff worden bijgeschreven als de man die de financiële integriteit agendeerde in de gesloten beurswereld. Dat had een prijs. Hoewel er enkele veroordelingen zijn geweest, blijft er twijfel over de hoge inzet. Aantijgingen als witwaspraktijken en voorkennis zijn verdwenen uit het Clickfonds-dossier, reputaties en instellingen beschadigd.

Voor een eindbalans over De Graaff moeten komende vonnissen worden afgewacht. Haalt het OM bakzeil, dan straalt het op hem af.

Per 1 september vertrekt hij. Hij verkende even de wereld buiten justitie, maar koos een beleidsfunctie bij het nieuwe landelijk bureau van het OM dat onder meer fraudebestrijding onder de hoede krijgt. De aandacht van de pers zal er minder direct zijn, en Henk de Graaff zal dat missen als kiespijn. Het hield hem tenslotte maar van z'n werk.

Joost Oranje