Frankfurt wordt steeds Duitser

De Amerikaanse centrale banken wankelen op hun voetstuk. De Bank van Japan is er al van af gevallen. En dus kijken de financiële markten langzamerhand met andere ogen naar de gebeten hond van de afgelopen twee jaar: de Europese Centrale Bank.

Door het dikke wolkendek van kritiek boven de ECB dringen de eerste dunne straaltjes waardering. Misschien heeft de wat traag aandoende overlegcultuur in Frankfurt ook zijn voordelen. Temidden van de paniekerig aandoende rentestappen in Washington, en de recente draai van 180 graden in het Japanse monetaire beleid, komt de ECB plots naar voren als een eiland van stabiliteit. Ook de beoordeling van de communicatiestrategie nadert een ommekeer. Die strategie is altijd voor schimmig en ambivalent doorgegaan. En dus als schadelijk: als de markt onzeker is over het toekomstige beleid van een centrale bank zien investeerders dat terug in een verhoogde risicopremie.

De steeds grotere voorspelbaarheid van de Amerikaanse Federal Reserve, die op het laatst nog nét niet op voorhand zei of en hoeveel de rente zou gaan veranderen, heeft echter geleid tot het omgekeerde: het volledig wegvallen van de risicoperceptie op de beurzen. Hoe schadelijk de gevolgen van die schijnzekerheid zijn, weten de aandelenbeurzen sinds een paar maanden ook.

Niet al te vriendelijk toonde de ECB zich nog vorige maand, toen de commerciële banken al te veel speculeerden op een rentedaling. Bij de tweeweekse belening haalden zij te weinig liquiditeiten binnen, in de veronderstelling spoedig goedkoper uit te zijn. Twee dagen later bleek de rente niet omlaag te gaan. In plaats van het ontstane tekort op de geldmarkt grootmoedig aan te zuiveren, stelde de ECB zich keihard op. En moesten de banken voor veel hogere rentes bijlenen op de interbancaire markt.

Dat kweekt respect, net als de onzekerheid die nu boven de markten hangt over het rentebeleid. Dát er binnenkort een kwart procent van de rente van 4,75 procent afgaat, daar is iedereen het wel zo'n beetje over eens. Maar over de timing, na de vergadering morgen of pas over twee weken, waren analisten vanmorgen hopeloos verdeeld.

Dat doet steeds meer denken aan de situatie van een paar jaar geleden, toen de Duitse Bundesbank met zijn ijzeren reputatie heerste op de Europese markten. Het lelijke jonge eendje in Frankfurt begint steeds meer op zijn échte moeder te lijken: stoïcijns en onpeilbaar, en nooit te beroerd om de markten eventjes te laten bungelen.