`Kindermishandeling moet veel vaker worden gemeld'

Kindermishandeling wordt te weinig gemeld. ,,Een op de zes mensen heeft wel eens vermoed dat een kind uit de eigen omgeving werd mishandeld'', stelt psycholoog C. Hoefnagels. ,,Maar bijna niemand van hen maakte dat kenbaar.''

Uit het onderzoek van Hoefnagels, die vandaag is gepromoveerd aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, blijkt dat dat vooral komt door de opvatting dat je je niet hoort te bemoeien met zaken die in de privésfeer gebeuren.

Ook mishandelde kinderen zelf kunnen aan de bel trekken, meent de psycholoog. Maar daarvoor hebben ze wel aansporing nodig om erover te praten. Hoefnagels' onderzoek toont aan dat de aarzeling hierover onthulling van kindermishandeling in de weg staat.

Volgens Hoefnagels biedt een mediacampagne uitkomst. Toen tien jaar geleden flink ruchtbaarheid werd gegeven aan de kindertelefoon, waar mishandelde kinderen over hun geheim kunnen praten, zijn drie keer zo veel kinderen dat ook gaan doen.

Hoefnagels vindt ook dat de overheid meer tegen kindermishandeling zou moeten doen. Sommige meldpunten kunnen al jaren niet alle meldingen direct in behandeling nemen, is zijn klacht.

In Nederland worden jaarlijks 5.000 tot 7.000 meldingen van kindermishandeling gedaan bij een daarvoor bestemd advies- en meldpunt. Amerikaanse staten met evenveel kinderen als in Nederland ligt dat aantal zeker tien keer zo hoog. Daarom vermoedt Hoefnagels dat er in werkelijkheid meer veel meer mishandeling plaats vindt dan wordt gemeld. Steekproeven, waarin volwassenen of ouders worden ondervraagd, bevestigen het vermoeden dat het aantal meldingen niet meer dan de top van een ijsberg is.