Oscars

Alsof je maag in je keel kruipt. Ik dwing mezelf ernaar te kijken. Wees niet zo kinderlijk, het kwade is toch al geschied. De pijn zit toch al in het vlees en stukjes van licht metaal hebben hun rare prenten nu al in huiden gedrukt. Het is maar de zoveelste herhaling. Maar als een peuter die de groteske kannibaal zijn lepeltje in de hersenen van zijn tafelgenoot niet wil zien steken, sla ik mijn handen voor mijn ogen. Houd toch op met die herhaling, stomme regisseur! Laat me zien hoe Cipollini, bello Mario, door Il Signor Sanremo Zabel wordt gefrituurd. Cipolle, dat betekent toch uien in het Italiaans?

Via Roma. Maar het zou ook de Schotse Highlands kunnen zijn met het blauw geverfde gezicht van brave heart Mel Gibson temidden van afgehakte ledematen, doorboorde borstkassen, paarden die zich aan spitse palen rijgen en bijlen die hersenpannen als houtblokken klieven. Of een Normandische strand waar Duits lood op Amerikaanse ijzer klettert terwijl Tom Hanks zijn angst uitschreeuwt. Een soldaat raapt zijn afgerukte arm op en beseft dat hij private Ryan nooit zal redden. Maar dit is geen film, het is grof geweld in het echt. En ik vind dat geweld niets in de sport heeft te zoeken.

Maar ik kan nog zoveel vinden, de herhaling toont weer het tegendeel. Massasprint bij Milan-Sanremo en megaval voor mijn ogen. Door mijn vingers zie ik een renner naar rechts swingen. Toe nou, jongen. Even hangt hij met fiets en al schuin in de lucht. Tegen de wetten van de natuur in. Het rubber van de banden heeft zijn natuurlijke contact met het asfalt verloren. Alsof een navelstreng met een botte hekschaar wordt doorgeknipt. Ik weet dat deze krankzinnigheid met een snelheid van tegen de zeventig kilometer per uur gebeurt. Een paar jaar geleden haalde ik 71 per uur in de afdaling van de Col des Portes (630 meter). Mijn hoogste snelheid ooit. Ik voelde mijn hart in mijn toeclips zakken, beefde van angst. The chainsaw massacre met bonussen en extra's. Nooit meer boven de 65 gedurfd.

Nog steeds Via Roma in Sanremo. De renner moet op dat moment in een flits beseffen dat hij niet eeuwig in de lucht schuin mag hangen. `Mama, waarom moet ik weer herboren worden? Bloedend en vanaf kuithoogte de wereld aanschouwen? Het was een slepende dracht. Rauw en dierlijk. Bijna zeveneneenhalf uur lang. Een zwangerschap van 287 kilometers op kronkelende hellingen, in duistere tunnels, boven afgronden vol azuurblauw. Maar deze geboorte kwam driehonderd meter te vroeg. Ik hang nu driehonderd meter voor de finish schuin in de lucht. Zie je me, lieve moeder? Achter mij voel ik de onbeschrijflijke angst van allen die samen met mij ook door de pijn heen zullen moeten glijden en kruipen.'

De renner valt eindelijk neer en glijdt gedwee op zijn zij. Hij ondergaat het, hij verzet zich niet meer. Zijn huid schuurt tegen het wegdek als een zachte klomp kaas tegen een rasp. Over hem heen tuimelt een wereld van verdriet. Fietsen springen, zweven en wervelen. Sturen steken in weke buiken, spaken en botten kraken, wielen en gewrichten worden kromgetrokken. De slowmotion laat geen geluid toe. Er is geen gevloek en getier meer. Toch moet in deze verstrengeling van vlees en metaal geen enkel strottenhoofd worden ontzien. Ik hijg en snak naar adem. Godzijdank geen herhalingen meer.

De camera zoemt nu in op twee coureurs. Zarrabeita en Larsen. Ze passeren lopend de finish. Met in hun hand of op hun schouders een brok herinnering aan een fiets. Is er iets meer geperverteerd dan een wielrenner die te voet naar de finish schuifelt? Als een geknakte krijger die op een tapijt van eieren huiswaarts moet keren?

Voorteken of intuïtie, ik weet nu, op deze zaterdagmiddag, al wie morgennacht de Oscar voor de beste mannelijke hoofdrol gaat winnen. Russel Crowe voor zijn wrede Gladiator.