Guy Georges slaat en steekt met rechts

Even leek het er vorige week op dat Guy Georges, aangeklaagd voor moord en verkrachting van zeven vrouwen, onder wie twee Nederlandse, zou bekennen. Maar vanmorgen had hij zich bedacht.

Guy Georges, aangeklaagd voor een serie moorden en verkrachtingen in het oostelijk deel van Parijs, zat vanochtend vroeg naakt in zijn cel. Hij probeerde te voorkomen dat hij naar de rechtszaal zou worden gebracht voor het vervolg van het proces dat vorige week maandag is begonnen. Guy Georges had er geen zin meer in.

Bewakers wikkelden hem in een deken en namen hem mee. In het Paleis van Justitie trok hij toch weer zijn kleren aan, maar hij was woedend. Tegen de rechter zei hij: ,,Ik heb het recht om niet te komen als ik niet wil komen.'' De rechter was niet onder de indruk. ,,En ík heb het recht om u te dwingen te komen als ik dat wil.'' Georges: ,,Ik pis op justitie, ik zeg niks meer.''

Een week lang had Georges rustig in de beklaagdenbank gezeten. Hij had foto's van verminkte vrouwen bekeken, vragen beantwoord, verhalen van getuigen en nabestaanden aangehoord. Hij had vaak moeten glimlachen. Maar afgelopen vrijdag was dat opeens afgelopen. Hij was zenuwachtig, keek naar het plafond, zuchtte, wist niet meer wat hij moest zeggen. ,,Voor het eerst'', zegt Gerard Frinking, vader van de Nederlandse Hélène Frinking die in 1995 slachtoffer werd, ,,zag ik iets menselijks op zijn gezicht.''

Frinking zat de hele vorige week in het Paleis van Justitie tegenover Georges. Op de eerste dag had hij de familie van slachtoffers, in de bank achter hun advocaten, kort aangekeken, daarna had hij hun blik vermeden. Vrijdagavond keek hij hen aan, volledig in de war.

Bij de lijken van verkrachte en vermoorde vrouwen waren DNA-sporen gevonden die overeenkwamen met het DNA-profiel van Georges en tijdens zijn verhoor had hij bekentenissen afgelegd. Op de eerste dag van de rechtszaak trok hij die weer in. Hij zou onder druk hebben bekend, hij zou door de politie zijn mishandeld. Zijn voortdurende glimlach wekte irritatie bij de rechter, de officier van justitie en advocaten van de familie van de slachtoffers. ,,Vindt u de verhalen van nabestaanden zo leuk?'' vroeg een van de advocaten. Georges zei: ,,En denkt u dat het leuk is om voor moordenaar uitgemaakt te worden als je het niet bent?''

Vrijdagavond begon hij te schreeuwen. ,,Ik ben in de val gelopen, dit is een spelletje.'' Die dag werd de zaak van Elsa Benady behandeld, een vrouw die in een parkeergarage werd verkracht en vermoord, ze was gevonden met doorgesneden keel. Een forensisch expert had in de rechtszaal gezegd dat het moeilijk vast te stellen was of de messteken van een links- of een rechtshandige dader kwamen. Een van de advocaten van de nabestaanden had het betoog onderbroken om Georges een vraag te stellen. ,,Bent u links- of rechtshandig?''

,,Rechts'', zei de verdachte.

De advocaat: ,,Dus als u slaat, doet u dat rechts.''

Georges: ,,ja.''

De advocaat: ,,En als u met een mes steekt, doet u dat ook rechts?''

Georges: ,,Ja.''

Pas toen drong tot hem door wat hij had gezegd. Een van zijn eigen advocaten, een vrouw, draaide zich naar hem om. ,,Wat zegt u nu?'' De andere advocaat, een man, zei: ,,Mijnheer Guy Georges, het is moeilijk om u te verdedigen. Onze zwaarste tegenstander in deze zaal is niet de officier van justitie, het zijn niet de advocaten van familieleden, maar dat bent ú. Als u deze vrouw hebt gedood, zeg het dan.''

Georges hield vol: ,,Ik heb Elsa Benady niet gedood, ik heb niemand gedood, ik ben onschuldig.''

De vrouwelijke advocaat van Georges legde haar hoofd in haar handen en begon te huilen. De rechter schorste de zitting. Na de pauze richtte hij zich tot de verdachte: ,,U hebt wat te zeggen?''

Georges zweeg. De rechter, vriendelijk: ,,Is het zo moeilijk voor u?''

Georges kwam nauwelijks uit zijn woorden. ,,Ik ben moe, ik ben zenuwachtig.''

De rechter: ,,Wat u te zeggen hebt, zal dat misschien uw geweten verlichten?''

Georges: ,,Op dit moment zou ik liever..''

Hij zweeg opnieuw, de rechter wachtte. In de zaal was het stil. ,,We hielden onze adem in'', zegt Gerard Frinking na afloop. ,,We dachten: als we nú ademhalen, zegt hij het misschien toch niet.''

Georges zei: ,,Ik zou liever tijd hebben om na te denken.''

,,Maar waarom?'' vroeg de rechter. ,,U zult een moeilijk weekend hebben.''

Georges: ,,Wat ik te zeggen heb, zal voor iedereen moeilijk zijn.''

De rechter: ,,Beseft u niet dat het voor de familie heel erg was dat u deze week ontkende? Denkt u werkelijk dat u het, als u toegeeft, allemaal nog erger zal maken?''

Georges: ,,Ik wil tijd om na te denken. Tot maandag.'' De rechter vond het goed. Maar vanochtend zei hij niks meer. De zaak van het Nederlandse slachtoffer Agnes Nijkamp was aan de orde. Foto's van haar verminkte lichaam werden bekeken door de rechters, de jury en advocaten. Ze werden ook aan Georges voorgehouden. Die draaide zijn hoofd weg.