Controle kosten pensioenen in EU-lidstaten

De kosten voor toekomstige pensioenverplichtingen in de EU worden onderdeel van de jaarlijkse beoordeling door de lidstaten van elkaars publieke financiën. Dat hebben de staats- en regeringsleiders afgelopen weekeinde op hun topconferentie in Stockholm afgesproken.

Mede op voorstel van Nederland en Zweden worden de kosten van vergrijzing hoog op de Europese agenda gezet. Ze zijn bezorgd omdat een aantal lidstaten geen publieke pensioenfondsen heeft. Staatssecretaris D. Benschop van Buitenlandse Zaken noemde het resultaat ,,meer dan bingo''.

Om de kosten van vergrijzing op te vangen moet de arbeidsparticipatie omhoog, met name die van vrouwen en 55-plussers. Voor de participatie van vrouwen en mannen van 55-64 jaar is voor het eerst een doelstelling vastgelegd: 50 procent in 2010. Een Belgische regeringsfunctionaris trok hieruit de conclusie dat België zijn vut-regelingen moet afschaffen. Naast de in Lissabon voor 2010 vastgelegde doelstellingen over volledige werkgelegenheid en arbeidsparticipatie werden in Stockholm tussentijdse doelstellingen voor 2005 vastgelegd. In januari 2005 moet de arbeidsparticipatie in de EU als geheel op 67 procent liggen en die van vrouwen op 57 procent.

De regeringsleiders spraken groot vertrouwen uit in de economie van de Europese Unie. De Europese economie kan ,,meer van haar eigen kracht uitgaan'' nu het in de Verenigde Staten en Japan economisch minder gaat.

Geen overeenstemming werd in Stockholm bereikt over snellere liberalisering van de energiemarkt, een Europees patent en een gemeenschappelijke luchtverkeersleiding. Wel kwam er een akkoord over versnelling van de hamonisering van financiële markten.

De regeringsleiders spraken verder ,,zorg'' uit over de situatie in de Europese landbouw naar aanleiding van de uitbraak van mond- en klauwzeer en de situatie rond BSE. Zij betuigden ,,solidariteit'' met de boeren. De Franse president Chirac maakte na afloop van de top duidelijk dat van een hervorming van het gemeenschappelijk Europees landbouwbeleid pas sprake kan zijn na 2006, wanneer de lange termijn-afspraken over het Europese landbouwbudget aflopen.

De regeringsleiders wezen op de economische groei in de EU met 3,5 procent in 2000. De Europese Commissie zei voor dit jaar uit te gaan van een groei die tegen de 3 procent aanligt. De leiders willen lessen trekken uit de problemen rond UMTS-veilingen voor de mobiele telefonie van de derde generatie. Door hoge licentieprijzen in de ene lidstaat en lage in de andere zijn de concurrentieverhoudingen verstoord. Ook leiden hoge licentieprijzen tot hoge tarieven, wat nadelig is voor de bevordering van nieuwe technologie.

TRANSFERS pagina 19

CONCLUSIES STOCKHOLM www.nrc.nl