Instappen

Als de beurzen laag staan moet je kopen; als ze hoog staan moet je aandelen verkopen. Het lijkt zo simpel, maar iedereen die zelf belegt weet dat de realiteit anders is.

Omdat de timing van het juiste moment van in- en uitstappen zo extreem moeilijk is, zeggen sommigen: begin er niet aan; koop door de tijd gespreid steeds een beetje. Dan zul je soms instappen op een piek, soms in een dal, maar je komt toch op een gemiddelde instapkoers uit. Als je vervolgens de gekochte stukken vasthoudt (een `buy & hold' politiek volgt) haal je op lange termijn zeker zo'n goed rendement als iemand die voortdurend nerveus in- en uitstapt.

Er zit zeker wat waars in die redenering, maar voor een deel van het beleggend publiek is hij niet uit te voeren. Niet iedereen immers heeft door de tijd heen steeds een klein beetje geld te beleggen. Het komt vaak voor dat iemand ineens een groot bedrag – uit een erfenis bijvoorbeeld – moet beleggen. Dan vergt het wel erg veel discipline om een periode van jaren te nemen om dat stukje bij beetje te beleggen. Bovendien heeft niet elke belegger een horizon die tientallen jaren verderop ligt. Velen willen gewoon hun spaargeld voor een paar jaar `parkeren' in aandelen, en dan maken in- en uitstapkoers wel degelijk veel uit.

Overigens, ook als je het rendement van een portefeuille over, zeg, dertig jaar zou berekenen, dan blijft een slecht instapmoment doortellen. Het eindkapitaal op 23 maart 2031 van een belegger die de vorige week een pakket AEX-aandelen kocht, toen die index rond de 560 punten stond, zal hoe dan ook twintig procent hoger liggen dan dat van iemand die hetzelfde bedrag een half jaar geleden in eenzelfde pakket aandelen stak, toen de AEX-index rond de 700 punten schommelde. Wat de waarde van dat pakket tegen die tijd ook moge zijn. (Aangenomen dat beide beleggers tussendoor niet meer kopen of verkopen).