De Mir neergekomen in Stille Oceaan

Het ruimtestation Mir is vanochtend om tien voor zeven Nederlandse tijd in brokken in de Stille Oceaan gestort. Na 86.131 rondjes om de aarde kwamen de brokstukken precies terecht in het gebied dat de Russische vluchtleiding had voorspeld, 3.000 kilometer ten zuidwesten van de Britse Pitcairn-eilanden.

Boven Fiji trokken de brokstukken van de Mir een oranje vuurspoor met witgloeiende deeltjes door de hemel, gevolgd door enkele oorverdovende knallen. Voor zover bekend hebben de brokstukken geen schade veroorzaakt. Ook een vloot van 27 tonijnvissers die eerder weigerde het landingsgebied te verlaten, bleef ongedeerd. In Japan en op verschillende eilanden in de Stille Oceaan bleven bewoners wel binnen.

Het Russische ruimtevaartagentschap sloot twee weken geleden een verzekering van tweehonderd miljoen dollar af voor het geval de Mir op bewoond gebied zou neerstorten. Nog in december verloor de vluchtleiding een dag het contact met het ruimtestation. ,,Nu is de operatie voorbij en ik hoor niemand gillen. Dus zal het wel goed zijn gegaan', zei Joeri Koptev, het hoofd van het Russische ruimtevaartagenschap, vanochtend.

Gisteravond trof de vluchtleiding in Koroljov, ten noorden van Moskou, de laatste voorbereidingen. De batterijen werden opgeladen, waarna het besturingssysteem de Mir in juiste positie bracht. In de loop van de nacht werden tweemaal stuurraketten afgevuurd om het station dieper de atmosfeer in te duwen. Om zeven minuten over zes vanochtend volgde een laatste manoeuvre en daarna deed de zwaartekracht zijn werk en verloor de vluchtleiding het contact met de Mir. Rond half zeven vertoonden de schermen die data van de Mir opvingen, nog slechts ruis. Met een snelheid van acht kilometer per seconde brak de Mir in stukken, verbrandden de lichte onderdelen en tuimelde de rest in naar schatting vijftienhonderd witgloeiende brokken in de oceaan. Sommige daarvan wogen bijna een ton.

De leiding van de operatie was in handen van Vladimir Solovjov, de kosmonaut die in 1986 als eerste de Mir binnenging. ,,Geen huis staat voor eeuwig', zei hij vandaag. Onder toeziend oog van 110 diplomaten en honderd camera's wekte de vluchtleiding soms de indruk aan een routine-operatie bezig te zijn. ,,We hebben geen zorgen, behalve dat het balkon instort door jullie gewicht', grapte een persvoorlichter tegen de journalisten. ,,Ljoeba, schakel je nog in of niet? Genoeg soaps gekeken', klonk het even later in de controlekamer, vlak voordat het laatste signaal werd gegeven. Daarna konden de ingenieurs slechts toekijken. ,,Alles verloopt volgens plan. Dat verbaast u zeker? Voor details verwijs ik u naar de Amerikanen', zei een ingenieur, die zichzelf als André voorstelde. [Vervolg MIR: pagina 4]

MIR

'Hadden wij maar zulk speelgoed'

[Vervolg van pagina 1] Want de NASA-delegatie, die elders in het gebouw computerschermen had opgesteld, trok veel publiek. Op hun schermen was de val van de Mir op de seconde te volgen. ,,Op basis van onze telemetrie-gegevens', mopperde André. ,,Hadden wij maar zulk speelgoed.'

,,Mir heeft zijn glorieuze missie beëindigd', zei een omroeper na afloop. Daarna rolden foto's van kosmonauten over de beeldschermen. Destemming was er een van opluchting met een vleugje melancholie. ,,Ik voel geen vreugde, het regent in mijn hart', zei kosmonaut Aleksander Lazoetkin. Joeri Koptev, hoofd van het ruimtevaartagentschap, gelastte één minuut stilte in. ,,De Mir heeft bewezen dat Rusland niet alleen ruimtevaartuigen kan bouwen, maar ook besturen', zei Koptev. ,,We zijn en blijven een grootmacht in de ruimte.' Ook hoofdingenieur Nikolaj Ivanov was tevreden. ,,De eerste operatie in zijn soort, en briljant uitgevoerd. Met elk detail is rekening gehouden. Nu gaan we zoveel drinken als we kunnen.'

De eerste module van de Mir werd in februari 1986 gelanceerd. In de loop der tijd groeide het uit tot een complex van zes in een T-vorm gekoppelde modules, die samen 136 ton wogen. In vijftien jaar bezochten 104 bemanningsleden het ruimtestation, onder wie 42 Russen. In 1995 boekte kosmonaut Valeri Poljakov er een record door 438 dagen achtereen in de ruimte te blijven. Bemanningen hadden in de loop der tijd te maken met ruim 1.500 storingen, die vanaf 1997 regelmatig tot noodsituaties leidde. In dat jaar vielen meermalen de stroom, de boordcomputer en de zuurstofvoorziening uit en sloeg een van afstand bestuurd vrachtvliegtuig een module lek.

Na een mislukte poging de Mir commercieel uit te baten, besloot Moskou eind vorig jaar het station op te geven en alle energie voortaan op het nieuwe Internationale Ruimtestation te richten, een project van zestien landen. Dat besluit is bijzonder impopulair in Rusland. In december stemde de Doema vrijwel unaniem voor de Mir. Vanochtend eisten drie Doema-leden het hoofd van Joeri Koptev. Hij zou de Mir prematuur hebben ,,geliquideerd'. Het hele ruimtevaartbudget moet volgens deze afgevaardigden naar een nieuw Russisch ruimtestation: de Mir 2.