Kunst uit de encyclopedie

Bernard Heesen is de Jeff Koons van de glaskunst. Zijn lust tot versieren en verfraaien kent geen grenzen. Zijn werk is nu te zien in Amsterdam.

Het verzamelen van 19de eeuwse encyclopedieën is voor Bernard Heesen meer dan een hobby. De glasblazer uit Leerdam bladert 's avonds urenlang in naslagwerken op zoek naar gravures van natuurkundige apparatuur, huishoudelijke gadgets en architectonische curiosa. De meeste van die voorwerpen zijn vanaf 19de eeuw niet meer gemaakt. Ze waren niet functioneel genoeg of hun overdadige vormgeving werd niet meer gewaardeerd. Heesen noemt deze voorwerpen `objectief lelijk', een soort lelijkheid waaraan hij verslingerd is. Als een Jeff Koons van de glaskunst blaast hij in zijn atelier in vergetelheid geraakte pronkbokalen, kelken en ornamentele koffiekannen nieuw leven in. Vanaf zaterdag presenteert de Amsterdamse galerie Serieuze Zaken zijn nieuwste werk onder de titel `Encyclopaedische gewrochten'.

Op de tentoonstelling zijn ook vazen te zien die Heesens strengere vormgeving uit zijn beginperiode weerspiegelen. Het zijn geribbelde glazen pilaren zonder frutsels of franje. Ze laten het glas zien zoals het is en blijven dicht bij de primaire vorm. Maar om de vroege Heesen een purist te noemen, gaat te ver. Zijn lust tot versieren en verfraaien schemert ook bij deze relatief sobere vazen door in het flamboyante kleurgebruik.

Wie bijvoorbeeld de bokaal ziet die oorspronkelijk bedoeld was om struisvogeleieren in te bewaren, moet erkennen dat Heesen een onmiskenbaar talent heeft voor stylistische hyperbolen. Het enorme ei is als in een groteske heidense monstrans gevat in een doorzichtig glazen compartiment dat rust op het hoofd van een zwarte Atlas met een griezelig dun nekje. Een krullerige deksel met daarop een forse vogel met rode snavel en helder witte ogen maakt het geheel compleet. Heesen trekt werkelijk alle kitsch-cliché's uit de kast, vergroot ze uit en vermenigvuldigt ze. Hij speelt niet een beetje met de grenzen van de goede smaak, hij laat ze zo ver achter zich dat ze er niet meer toe doen.

Toch zijn de meeste van zijn encyclopedische ontwerpen nauwkeurige afspiegelingen van originele tekeningen. Alleen de maat en de kleuren, die vaak als een psychedelische regenboog vervloeien, zijn eigen inbreng. Zo is er een flessenkoeler met golvende rand en robuuste leeuwenpoten waar een bijna metallic glans overheen hangt. Een buitenproportioneel peper- en zoutstel staat te pronken als een glimmend koppel miniatuurraketten. En een tongewicht, een oude gewichtsmaat die in oorspronkelijke vorm slechts enkele centimeters groot is, wordt in Heesens handen een forse picknickmand met een sinistere, donkere gloed.

Als de glaskunstenaar gaat improviseren op barokke thema's is het hek van de dam. Een relatief simpele laboratoriumbeker uit een van zijn encyclopediëen stapelde hij in veelvoud op tot een licht hellende vaas voorzien van een feestelijk nopjespatroon. Op de voet van een reusachtige feloranje pronkbokaal achtervolgen Sint Joris en de draak elkaar alsof ze tikkertje spelen, terwijl hogerop engeltjes, spiraaltjes, ribbeltjes en arabeskjes strijden om de aandacht. Die engeltjes komen ook terug in de lijsten van vijf glimmend zwarte spiegels, die de gebruiker onwillekeurig doen denken aan de boze stiefmoeder van Doornroosje.

Een enkele keer laat Heesen de tierlantijnen voor wat ze zijn en concentreert hij zich puur op de aard van zijn geliefde grondstof. Voor een serie vazen vermengde hij telkens dezelfde hoeveelheid kleurstof met een steeds grotere massa glas. De kleuren verschieten van bruin via caramel tot bijna doorzichtig beige. Doordat Heesen ook nog eens heeft geprobeerd de vormen net iets groter te maken dan controleerbaar is, zien ze eruit als uit het lood geslagen beginnersprobeersels. Maar tussen al die barokke overdaad stralen ze een bijna timide charme uit.

Bernard Heesen: Encyclopaedische gewrochten. 24 maart t/m 30 april in galerie Serieuze Zaken, Elandsstraat 90 en Willem de Zwijgerlaan 17, Amsterdam. Inl 020-4205252