De gevaarlijkste weg ter wereld

Bij de start dacht ik nog snel een stukje naar boven te fietsen voor een beter uitzicht over het stuwmeer van Estrallani. Een onverstandige actie op ruim 4.000 meter boven zeeniveau, mijn longen protesteren. Na nog een klein stukje klimmen hang ik als een bejaarde in de staart van het peloton van twaalf jonge toeristen.

Mijn avontuurlijke vriendin had me overgehaald tot een mountainbike-excursie over de `gevaarlijkste weg ter wereld'. Na vier dagen in de Boliviaanse hoofdstad La Paz (4.000 meter) is de hoogteziekte wel zo'n beetje uitgewoed en na een kort tochtje in een met toeristen en fietsen volgepakte bus beginnen we met de afdaling bij La Cumbre. De wind is ijzig, maar het uitzicht op de besneeuwde toppen van ruim 6.00 meter zonnig. In het schrale landschap komen we lama's en alpaca's tegen en even later een militaire controlepost met piepjonge soldaten. Ze moeten het zichtbare bewijs vormen dat het Bolivia menens is met de bestrijding van de cocateelt, waardoor de financiële steun van de Verenigde Staten kan doorgaan. Wij toeristen kunnen probleemloos onze tocht vervolgen, maar ook Bolivianen worden verveeld doorgewuifd.

De controlepost markeert het einde van het verharde deel van de weg en ook het voorlopige einde van de zonneschijn. De volgende dertig kilometer dalen we door mist en regen, die het beloofde uitzicht aan het oog onttrekken. Talrijke watervallen kletsen op de weg, zodat je door een dunne waternevel rijdt. Als de zon weer doorbreekt, hebben we het begin van het Amazoneregenwoud bereikt, dat steeds intenser groen kleurt. Ontzagwekkend grote, bijna lichtgevende blauwe vlinders betoveren ons.

Het is een onwerkelijk gevoel om deze glinsterende bossen per fiets – het transportmiddel van de Hollandse polders – binnen te rijden. Hier komen we een beetje bij van de lange afdaling van zojuist. De weg was steil, vaak bochtig en onverhard. We haalden snelheden van vijftig kilometer op de rechte stukken en tot zeventig op het verharde deel van de weg. Zolang je niet naar de afgrond naast je keek, voelde je je op de degelijk ogende huurfiets niet onveilig. Maar wanneer je over de smalle berm de afgrond inkeek, was het zicht voor een Hollandse hoogtevrezer wel zó beangstigend, dat je er automatisch toe overging om de door de zwaartekracht haalbare snelheden permanent te beteugelen.

De rit van La Cumbre (4.800 m) naar Coroico (1.100) is 65 kilometer lang en – met een dalingspercentage van maximaal 20 procent – is dan ook voor autoverkeer zeer gevaarlijk. Zware regenval maakt de smalle berm op veel plekken instabiel. Regelmatig storten bussen en vrachtwagens die voor een tegenligger achteruitrijden, in het ravijn doordat een stuk weg onder het wiel loslaat. In de eerste zes maanden van 1998 verongelukten hier 80 mensen. De Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank noemde de weg in 1995 de gevaarlijkste ter wereld. Gedenktekens markeren tientallen onheilsplekken.

Alistair Matthew, de Nieuw-Zeelandse eigenaar van Gravity Mountainbiking, het bedrijfje waarmee we de trip maakten, gebruikt de beangstigende kwalificaties van de bank om de spanning van de trip te benadrukken. Hij zegt erbij dat zijn bedrijfje inmiddels 1.900 toeristen veilig over de weg heeft geleid en dat zich nooit ernstige ongelukken hebben voorgedaan. ,,Met professionele begeleiding, onze goede fietsen met prima remmen hebben de deelnemers alleen hun eigen adrenaline te vrezen. Nederlanders, Britten en Antipodeanen (Australiërs en Nieuw-Zeelanders) vormen de belangrijkste groep deelnemers.'' Omdat de weg de enige verbinding vormt tussen La Paz en het noordoosten van Bolivia, wordt er al jaren gewerkt aan een nieuwe, veilige route. De tunnels worden gefinancierd door internationale hulpfondsen, maar voor de laatste twee tunnels ontbreekt het geld. Daardoor zal de oude weg waarschijnlijk nog jaren dienst moeten doen. ,,Bus- en vrachtwagenchauffeurs rijden het hele stuk van Rurrenabaque naar La Paz vaak in één keer. Een rit van 24 uur, waarbij slaapgebrek een fatale factor kan zijn. Op de fiets is het veel veiliger. Je bent wendbaar en je kunt niet in een brandende auto vast komen te zitten'', meldt Matthew opgewekt.

In het fietsdoel Coroico, dat na het koele La Paz paradijselijk tropisch aanvoelt, is het tijd voor ontspanning. Bij het ochtendgloren worden we verrast door een oorverdovend regenwoudvogelconcert en een zonnig uitzicht op steile beboste hellingen, gehuld in een blauwe nevel. Het enige dat ons benauwt, is dat dit paradijs alleen verlaten kan worden langs dezelfde weg als waarlangs we zijn gekomen. In zijn peptalk over de veiligheid vermeldde Matthew weinig over de gemotoriseerde terugreis naar La Paz. Die is onvermijdelijk, omdat het ondoenlijk is om 4.000 meter hoogteverschil op de fiets te overwinnen. Tenzij je Tour de France-longen hebt.

We boeken voor ruim twee US-dollar een plaatsje in een bestelbusje, dat wendbaarder en veiliger lijkt dan de grotere en degelijker ogende bussen. Desondanks wordt het een angstige rit naar de hoofdstad. Halverwege de beklimming stopt de benzinepomp. Er blijkt improvisatietalent aan boord. De brandstof wordt onder regie van de bestuurder via een emmer en een zuigende bijrijder naar de carburateur geleid. De chauffeur verdeelt zijn aandacht tussen bijrijder en weg. Alle twaalf passagiers, toeristen en autochtonen zijn muisstil. Ze hopen en bidden dat de chauffeur zijn ogen op de weg kan houden. De zes uur durende reis langs afgronden waarvan de diepten in het maanlicht niet meer zijn te peilen, is huiveringwekkend. Maar we kunnen het navertellen.

Meer informatie www.gravitybolivia.com