Songfestival

In het zorgcentrum Sint Jacob aan de Plantage Middenlaan in Amsterdam werd een van de voorronden van het Ouderen Songfestival gehouden. Dat is een songfestival waaraan alleen mensen van 55 jaar en ouder mogen deelnemen. Het vindt nu al voor de negende keer plaats, en met groeiend succes. Het begon als het initiatief van één Amsterdams verzorgingshuis en het is inmiddels een evenement waar deelnemers uit heel Nederland op afkomen. De finale is op 23 mei in een opnieuw uitverkochte Amsterdamse Stadsschouwburg.

Mocht ik komen kijken en ook het juryberaad bijwonen? Daar was geen bezwaar tegen, of kwam ik alleen maar om de zaak belachelijk te maken? Daar hadden ze, wat betreft de commerciële tv, slechte ervaringen mee.

Ik kwam terecht in een volle zaal met een aandachtig publiek, voor het merendeel afkomstig uit Sint Jacob. Bejaarde dames waren in de meerderheid en er zaten nogal wat mensen in rolstoelen. Enkele verpleegkundigen hielden een oogje in het zeil.

De twaalf deelnemers mochten ieder één lied zingen: van jazz tot opera. Slechts vier van hen zouden deze voorronde overleven. Ik vond het aanzienlijk boeiender dan de Jongeren Songfestivals waarvan ik af en toe glimpen op de tv zie. Een stramme, grijze heer, Henk Visscher genaamd, zong met krachtige tenor Een late liefde, terwijl zijn vrouw in de zaal bleek te zitten. De woorden van Lennaert Nijgh vloeiden ons als honing tegemoet: ,,Als liefde zoveel jaar kan duren, dan moet het echt wel liefde zijn.''

Er was een zwaar opgemaakte, Joegoslavische vrouw van 89 die `Dort, wo die Wälder grün sind' zong, nadat ze ons had aangespoord zoveel mogelijk te zingen ,,want daar word je jong van''. De drie jaar jongere Nettie Boerboom smeet haar stok neer toen ze aan de beurt was en zong: ,,Wat kan die Kobus eraan doen dat hij zo knap is.''

De deelnemende heren, het moet gezegd, maakten de ijdelste indruk. Zij wilden nog echt pralen in al hun vergankelijke luister. Salvatore Cantiere, een uitstekende tenor van Italiaanse afkomst, zag eruit als een veteranenversie van Tom Jones, en Sjaak Brokx begon bij het zingen van `Mama' (bekend van Heintje) zozeer met zijn onderlijf te zwaaien dat zijn witte pantalon in het publiek terecht dreigde te komen.

Ik hield nog het meest van een statige dame in het zwart die doodernstig `Don't cry for me Argentina' zong. Het was niet altijd zuiver, maar het kwam zó recht uit het hart dat we collectief zaten te rillen. Mocht ze dóór? Martelend dilemma voor de driekoppige jury. Oud-jazz-zangeres Sanny Day (`Goody Goody') was technisch beter geweest, maar ook een stuk gelikter. Toch maar Sanny Day. ,,Het gaat er uiteindelijk om hoe het klinkt'', vond de jury. Daar zat wat in.

Terwijl de jury met mij in de belendende kapel vergaderde, bleef een passerende bewoonster staan en zei: ,,Ik voel me zo duizelig.'' Ze pakte mijn arm en zo schuifelden we naar haar afdeling. ,,Heb je een nieuwe vriend?'' vroeg een verpleegkundige.