Schikking met vergoeding voor familie Köksal

De Nederlandse staat zal de familie van Hüseyin Köksal, die in 1993 na een gewelddadige arrestatie door de politie van Venlo aan een hersenbloeding overleed, 140.000 gulden schadevergoeding betalen.

De schikking is getroffen na bemiddeling van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.

De nabestaanden van Köksal hadden de zaak bij het hof aangekaart. Zij stelden dat Köksal na zijn arrestatie door de politie is gemarteld. De familie had 800.000 dollar schadevergoeding geëist. Volgens een woordvoerder van het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft de Nederlandse staat toegestemd in de schikking, omdat bij de arrestatie van Köksal ,,als gevolg van inschattingsfouten van de politie niet alle procedures die doorlopen hadden moeten worden, gevolgd zijn.''

De Turkse gemeenschap reageert verheugd. ,,Wij zijn erg blij met deze schikking. Ons vertrouwen in de Nederlandse rechtsgang is beloond'', zegt M. Aybogan, voorzitter van de stichting Turks sociaal-cultureel centrum in Venlo. De politie Limburg-Noord zegt zich te ,,conformeren'' aan de schikking en onthoudt zich verder van commentaar.

Köksal, een 32-jarige Turk, werd op 7 januari 1993 aangehouden door de Venlose politie, nadat hij met zijn auto tegen een verkeerspaaltje was gereden.

De agenten waren gewaarschuwd door een taxichauffeur die hem in zijn auto had zien slingeren en die getuige was van het ongeval. Köksal maakte een versufte indruk en vroeg om vervoer naar het ziekenhuis. De zes agenten die ter plaatse waren, veronderstelden dat hij dronken was, maar voerden geen ademtest of bloedproef uit. Zij dachten te maken te hebben met een neef van Köksal, die al eerder met de politie in aanraking was geweest.

De agenten weigerden Köksal naar een ziekenhuis te brengen en gebruikten geweld om hem te arresteren. Hij zou daarbij met zijn hoofd tegen de grond zijn geslagen. Pas de volgende ochtend, na een verblijf van tien uur in de cel, kreeg Köksal bezoek van een arts, die hem liet overbrengen naar een ziekenhuis in Venlo. Wegens plaatsgebrek werd hij verwezen naar Venray. Daar overleed hij ten slotte op de intensive care.

Het lichaam van Köksal is driemaal onderzocht: door het Gerechtelijk Laboratorium in Rijswijk, door het instituut voor gerechtelijke geneeskunde in Keulen en door lijkschouwers in Ankara. Het onderzoek bracht aan het licht dat Köksal bij zijn arrestatie weliswaar mishandeld was, maar dat hij daarvóór al een hersenbloeding had gekregen. Het slachtoffer bleek een verwijding van de hersenslagader te hebben, die hem vatbaar maakte voor een dergelijke bloeding.

De agenten die bij de arrestatie betrokken waren, zijn door de rechter vrijgesproken. Een 58-jarige brigadier, die geweld had gebruikt tegen Köksal, kreeg voorwaardelijk ontslag.