Integratie Molukse jongeren blijft steken

De maatschappelijke integratie van Molukkers stokt in de derde generatie. Dat blijkt uit een onderzoek dat vandaag is aangeboden aan minister Van Boxtel (Grote Steden en Integratie).

Uit een grootschalig landelijk onderzoek van de Rotterdamse hoogleraar J. Veenman blijkt dat de Molukse jongeren vooral in het onderwijs achterblijven bij autochtone Nederlanders. Hun ouders maakten indertijd wel een grote sprong vooruit ten opzichte van de eerste generatie Molukkers, die in de jaren vijftig in Nederland kwam.

Uit het onderzoek van Veenman blijkt dat de werkloosheid onder jonge Molukkers weliswaar zeer laag is, 4 procent, maar dat zij vaak lagere functies vervullen en dat veelal in tijdelijke banen. ,,Het maakt hen kwetsbaar bij een eventuele economische terugval'', aldus het rapport.

Vooral in het onderwijs is het achterblijven van jonge Molukkers zichtbaar. De tweede generatie boekte hier, volgens Veenman, ,,sterke vooruitgang ten opzichte van de eerste.'' De derde generatie heeft die vooruitgang niet doorgetrokken. Van de Molukse kinderen krijgt 85 procent aan het eind van de basisschool het advies voor een middelbare school op vbo- of mavo-niveau. En tijdens hun middelbare-schoolcarrière gaan ze nog eerder verder naar beneden dan omhoog – zoals bijvoorbeeld andere allochtone jongeren vaak wel doen. Veenman stelt in zijn conclusie dat de geconstateerde stagnatie van de derde generatie in tegenspraak is met de voorspellingen. In het algemeen wordt ervan uitgegaan ,,dat integratie over generaties heen een lineair verloop kent''. Zeven jaar geleden voorspelde de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken nog dat de Molukkers ,,hun integratieproces op termijn wellicht op eigen kracht kunnen voltooien.'' Het gevoel bestond ook in de Kamer dat de Molukkers zich als het ware uit het integratiebeleid van de overheid aan het emanciperen waren.

Het rapport werd gepresenteerd tijdens de manifestatie `Vijftig jaar Molukkers in Nederland'. Vijftig jaar geleden kwamen ongeveer 12.500 Molukkers naar Nederland vanuit Indonesië. Het waren voornamelijk militairen van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger met hun families. Bij de soevereiniteitsoverdracht van Nederlandse-Indië aan de Republik Indonesia was overeengekomen dat het KNIL-leger zou worden gedemobiliseerd en verspreid over de Indonesische archipel. Veel soldaten in het door Molukkers gedomineerde leger kozen toen voor emigratie naar Nederland boven verblijf in Indonesië.