India landt tot zijn verrassing in tv-tijdperk

Plotseling is niet langer het marktplein of het parlement het publieke terrein in India, maar de televisie. Het volk smult, de politici moeten eraan wennen. En alles wordt anders.

Met een harde knal is de Indiase politiek in het televisietijdperk beland. Toen vorige week tijdens een persconferentie de met verborgen camera's gemaakte videobanden werden getoond, waarin toppolitici en defensieambtenaren geld aannamen van zogenaamde wapenhandelaren, riep de oppositie meteen om het aftreden van het kabinet. Dit was een glashard bewijs van gepleegde corruptie, vond men.

Intussen liepen ministers en regeringsadviseurs verward rond, niet beseffend wat het effect zou zijn van de onscherpe beelden en vervormde stemmen. Dit zou toch niemand geloven? In de Indiase televisie- en filmtraditie is alles juist genadeloos overbelicht en worden de stemmen pas achteraf ingesproken: geen schaduw, geen bijgeluid, is het devies van de makers.

Maar de beelden werden steeds herhaald. Journalisten voorzagen ze van commentaar. De gesprekken werden ondertiteld. En juist de duistere atmosfeer en de schokkerigheid van reality-tv gaf aan het geheel een verrassende overtuigingskracht.

Dit was geen enkele Indiase regering ooit overkomen en de klassieke afweermechanismen wekten de lachlust op. Het zou een samenzwering zijn van de oppositie of het werk van vijandelijke inlichtingendiensten. De hoofden zouden met een computer zijn gemonteerd op andermans schouders. Het was allemaal onecht en onwaar.

Aan de andere kant blijkt ook de oppositie zich te hebben overschreeuwd: de voorzitter van de partij van Vajpayee nam geld aan, terwijl we iemand, opvallend duidelijk maar geheel buiten beeld, horen zeggen: `Dit is een nieuwjaarsgeschenk'. Volgens de voorzitter was de uitspraak: `Dit is een donatie voor de partijkas'.

Zo zijn er veel meer onduidelijkheden in de vier uur durende compilatie uit het totaal van tachtig uur filmmateriaal. Het publiek blijft er echter van smullen: vanaf vanavond zullen de opnames integraal worden getoond, als een gigantische soap, op prime-time, en adverteerders mogen het recordbedrag van 25.000 gulden per tien seconden neertellen voor een reclameboodschap.

Het publieke terrein in India is niet meer de straat, het marktplein of het parlement, maar de televisie. Zo beging premier Vajpayee eind vorige week een unicum in het land: hij sprak het volk rechtstreeks toe, via de zender van de staatsomroep. Deze is door iedereen te zien, de commerciële zenders zijn er alleen voor de rijken met een kabelaansluiting. Ook de minister van Defensie, die door het omkoopschandaal moest aftreden, kreeg tot ieders verbazing de gelegenheid om zijn lezing van de feiten op het staatskanaal te geven. Dat zag er iets waardiger uit dan zijn optreden in actualiteitenrubrieken, waarin hij zo fel werd ondervraagd door journalisten, dat hij zwetend en stotterend ten onder ging.

Nu heeft ook oppositieleidster Sonja Gandhi zendtijd op de staatsomroep geëist om het volk te vertellen wat zij van de gebeurtenissen vindt. Het verzoek is door Vajpayee afgewezen. Wel heeft hij haar uitgenodigd tot nog een bijzonderheid in India: een rechtstreeks televisiedebat. Tijdens discussies in het parlement wint Vajpayee het namelijk altijd van Sonja Gandhi. De vraag is echter of dat ook zo werkt op televisie: Vajpayee ziet er de laatste tijd oud en moe uit, terwijl Sonja Gandhi in haar moment van opperste glorie verkeert. De televisie zou het politieke krachtenveld van India wel eens danig kunnen veranderen.