Geleid door `grote muis' McGuthrie

De basketballers van Astronauts spelen vanavond in de halve finale van de Korac Cup tegen Malaga. De Amerikaan Chris McGuthrie zet de lijnen uit. ,,Eerst haatte ik coach Ton Boot, nu weet ik dat hij de beste is.''

De grote man van de Astronauts is de slechts 1.74 meter lange Amerikaan Chris McGuthrie. De 26-jarige Mighty Mouse van Amsterdam moet vanavond in de Apollohal de lijnen uitzetten tegen de Spaanse basketballers uit Malaga.

McGuthrie weet dat zijn ploeg normaal gesproken kansloos is, maar toch heeft hij de hoop om de finale te halen van het op één na belangrijkste Europese toernooi nog niet verloren. ,,Ik dacht ook dat we tegen het Russische Saratov en de Turken van Fenerbahçe geen kans zouden hebben'', zegt McGuthrie. ,,Nu vrees ik opnieuw dat we door Malaga worden geslacht. Zij hebben betere basketballers dan wij, maar wij vormen een hecht team. Misschien kunnen we opnieuw stunten.''

In de zomer van 1998 stapte McGuthrie over van het Rotterdamse Idétrading naar de Amsterdam Astronauts. De Amerikaan maakte voor het eerst kennis met de eigenzinnige coach Ton Boot. ,,In het begin kon ik niets goed doen bij hem'', herinnert McGuthrie zich. ,,Ik dacht wat is dit? Ik haatte Boot. Ik wilde weg. Pas na een aantal maanden kreeg ik door hoe hij werkte. Ik kreeg opeens ook complimenten. Hij heeft een plan, maar je weet als speler niet hoe dat eruit ziet. Daar moet jezelf achter komen. Nu weet ik dat Boot de beste coach is die ik ooit heb gehad.''

Aan de hand van Boot bereikte de Astronauts via onder meer het Russische Saratov en het Turkse Fenerbahçe de halve finales van de Korac Cup. De Amsterdammers moeten het vooral hebben van hun teamspirit. De belangrijke Amerikanen Chris McGuthrie en Joe Spinks kwamen in Nederland niet zoals veel landgenoten in Europa even hun zakken vullen. Ze hebben zich aangepast. ,,Wij zijn hier geaccepteerd'', zegt McGuthrie. ,,Er is wederzijds vertrouwen. Bij andere teams worden de Amerikanen als eerste weggestuurd. Hier niet. Onze situatie is uniek.''

McGuthrie voelt zich goed in Nederland. Uitgestrekt op de bank van zijn kale flat in een Diemense volkswijk vertelt hij zijn verhaal. In de woonkamer staan niet meer dan een paar bankstellen, een tafel en een stoel. De perfecte inrichting voor zijn twee beste vrienden: Nina en Butch, zijn twee Amerikaanse Staffordshire terriërs. Een agressief hondenras dat op de nominatie staat om in Nederland verboden te worden door minister Brinkhorst van Landbouw. ,,Mijn honden doen niets hoor'', zegt de Amerikaan. ,,Het gaat erom hoe je er mee omgaat. Je moet ze goed behandelen en ervoor zorgen dat ze zich thuis voelen. Ik zie dat als mijn verantwoordelijkheid.''

Ruim drie jaar woont McGuthrie nu in Nederland. Een land waar hij zich net als zijn honden thuis is gaan voelen. Hij kan er leven zoals hij graag wil. Rustig, zonder stress, relaxed. Alleen de taal is niet de zijne. McGuthrie kan inmiddels redelijk Nederlands verstaan, maar Nederlands spreken wil hij niet. ,,Dat haat ik. Ach en waarom zou ik? Iedereen spreekt hier Engels. Ik heb in het begin wel een cursus Nederlands gedaan, maar het viel niet te combineren. Elke dag trainen en studeren. Dat werd te zwaar, te vermoeiend. Ik wil een relaxed leven.''

Een beetje spelen met zijn honden en geld verdienen als professioneel basketballer van de Amsterdam Astronauts. McGuthrie voelt zich een bevoorrecht mens, al is zijn basketbalcarrière niet zo gelopen als hij zich als jongetje had voorgesteld. Hij groeide op als zoon van een postbode met drie broers en een zus in Maryland, nabij de Amerikaanse hoofdstad Washington. Van jongs af aan staat zijn hele leven in het teken van de sport. Honkbal, voetbal, tennis, American football en basketbal in plaats van studeren.

McGuthrie: ,,Heel vaak stond ik urenlang in mijn eentje ballen te gooien op een basket achter ons huis. `Nu ziet niemand me, maar als ik 26 ben dan ben ik een ster in de NBA', stelde ik me toen voor. Zo motiveerde ik mezelf. Nu ben ik 26 en speel ik in Nederland. De NBA zal ik niet meer halen. Ten eerste ben ik ben niet goed genoeg en ten tweede ben ik te klein. Ik heb vroeger vaak gehuild om mijn lengte, maar ik heb er nu geen probleem meer mee.''

McGuthrie ging na het voltooien van de high school basketballen bij de Mount St. Mary's University. In september 1996 liet een ploeg uit Zuid-Korea het oog vallen op de kleine Amerikaan. Maar vlak voor de nieuwe profcompetitie in het Aziatische land begon, besloot de ploeg zich terug te trekken. De transfer ketste af en McGuthrie zat zonder werk.

Pas een jaar later kwam hij weer aan serieus basketballen toe, bij het Israëlische Maccabi Rishon, dat hem in de zomer van 1997 contracteerde. Samen met zijn Israëlische vrouw, die hij al op de high school leerde kennen, begon hij vol goede moed aan het avontuur dat in oktober al weer vervroegd tot een einde kwam. McGuthrie kwam als vierde buitenlander alleen aan spelen toe als hij staatsburger van Israël werd, een procedure die jaren duurt. McGuthrie vertrok in januari 1998 naar het toenmalige Rotterdamse Idétrading met het idee om na twee jaar weer terug te keren naar Israël.

McGuthrie, die inmiddels van zijn vrouw gescheiden is, heeft dat idee nu laten varen. Na een half jaar Rotterdam stapte hij in 1998 over naar de Astronauts waar hij nog tot de zomer van 2002 onder contract staat. Onder Boot komt het spel van McGuthrie tot volle wasdom. Hij werd een veel scorende spelverdeler die vertrouwen uitstraalt.

De afgelopen maanden speelde McGuthrie zich vooral door een aantal sterke optredens in de Korac Cup in de kijker bij clubs uit andere landen. Bij zijn zaakwaarnemers kwam een aantal interessante aanbiedingen binnen, maar de Amerikaan gaat er voorlopig vanuit dat hij volgend jaar samen met zijn vriend Joe Spinks nog bij de Astronauts speelt. ,,De club is goed, het team is goed en de coach is goed. Alleen het geld is wat minder. Het mooiste zou zijn als ik in Amsterdam zou kunnen blijven met een hoger salaris.''