Bolkestein: doe wat je belooft

,,Er is veel poëzie, maar weinig beweging'', zegt EU-commissaris Frits Bolkestein. Hij doelt op het wazige beeld van Europa dat ontstaat door de declaratoire politiek waaraan hij zo de pest heeft. Zeker de helft van de agenda van de komende EU-top in Stockholm gaat over zijn portefeuille, de Interne Markt. ,,Een fascinerende materie.''

Nederlandse politici vonden destijds de portefeuille Interne Markt een troostprijs voor Europees Commissaris Frits Bolkestein. De VVD-politicus had volgens hen Mededinging moeten krijgen, dat uiteindelijk naar de Italiaan Mario Monti ging. Die post had meer prestige en was pas echt belangrijk. Bolkestein kan er om lachen. De Nederlandse politici hebben zich volgens hem danig vergist. ,,Ik heb buitengewone waardering voor mijn collega Mario Monti en het werk dat doet is zeer belangrijk, maar hij heeft nog niet een derde zoveel met het parlement te maken als ik. Ik doe veel wetgeving. Ik heb twee ministerraden te bedienen, de Ecofin, de Interne Marktraad en zo nu en dan nog een Telecomraad. Vorige week maandag had ik er twee op een dag, dat is natuurlijk een beetje bizar.''

De bijna 67-jarige Bolkestein lijkt bepaald niet gebukt te gaan onder de dagelijkse lading werk. ,,Zeer'', zegt hij op de vraag of hij leuk vindt wat hij in Brussel doet. Waarom? ,,Omdat het fascinerende materie is en belangrijk, ook voor Nederland. Ik heb met Interne Markt en de Douane-Unie twee terreinen die aan de basis liggen van de Europese Unie.'' Bolkestein wijst, zoals wel vaker, op zijn zakelijke achtergrond als voormalig manager bij Shell. Een portefeuille als Interne Markt past hem daarom naar eigen zeggen uitstekend.

De Nederlandse Eurocommissaris oogt redelijk fit, zelfs enigszins afgetraind, tijdens een gesprek op zijn ruime kantoor in de buurt van het Brusselse Schumanplein.

Wie dacht dat na de belangrijke stappen in 1992 (het project `Europa 92') de Europese interne markt zo langzamerhand zijn voltooiing nadert, hoeft slechts een blik te werpen op de agenda voor de Europese top van regeringsleiders eind deze week in Stockholm. Daar moet een nieuwe impuls worden gegeven aan de vorig jaar maart op de top in Lissabon geformuleerde doelstelling om Europa in 2010 tot de meest dynamische en concurrerende economie ter wereld te maken. Zeker de helft van de onderwerpen in Stockholm gaat direct of indirect over interne-marktkwesties, van financiële markten, tot een Europees patent en energieliberalisering.

Bolkestein: ,,Wat we met `Europa 92' hebben bereikt is de vrijheid van goederen- en kapitaalverkeer. Maar ten aanzien van het dienstenverkeer zijn we absoluut nog niet zover. En zeker voor financiële diensten hebben we niet die ene Europese markt bereikt die we nodig hebben.''

Bolkestein levert in Brussel een taai politiek gevecht, waarbij de sentimenten in lidstaten en Europees Parlement voortdurend moeten worden afgetast. In december leed hij een nederlaag, althans voorlopig, met zijn voorstel om de postmarkt te liberaliseren. Vooral Frankrijk, met invloedrijke vakbonden en de postbode als belangrijk dienstverlener op het platteland, en Groot-Brittannië, met zijn onaantastbare Royal Mail, lagen dwars.

Was Bolkestein te ambitieus met zijn streven om 20 procent van de postmarkt (o.a. brieven boven de 50 gram) vrij te maken? Bolkestein: ,,Als ik was ingegaan op het Franse voorstel dat neerkwam op 12 of 13 procent liberalisering, even daargelaten dat zeven lidstaten dat niet wilden, dan was het debat dood geweest voor ik weet niet hoeveel jaren. Ik vind het belachelijk. Dat heb ik ook gezegd: het is dérisoire. Politiek is om te beginnen de kunst van het mogelijke, maar je moet ook een keer hoger mikken.'' Bolkestein hoopt op een doorbraak later dit jaar, wanneer verkiezingen in Groot-Brittannië en Italië achter de rug zijn. Hij verwijst naar de Britse premier Tony Blair, die Bolkestein vorig week publiekelijk gelijk gaf na diens vermaning dat de EU-leiders zich aan hun beloftes van Lissabon moeten houden.

Onverwacht succes boekte de Nederlandse Eurocommissaris onlangs met de totstandkoming van een statuut voor de Europese vennootschap. Bolkestein werkt verder aan een uiterlijk in 2005 te voltooien `Actieplan voor Financiële Diensten' dat tientallen voorstellen voor regelgeving omvat, van Europese standaarden voor beursprospectussen, een richtlijn voor bedrijfsovernames, en gemeenschappelijke accountantsstandaarden tot regels voor elektronische financiële diensten en toezicht op pensioenfondsen.

Heet hangijzer is nu een voorstel van een commissie onder leiding van de Belg Alexandre Lamfalussy om een European Securities Committee te belasten met de details van Europese financiële regelgeving, waarvan dan alleen nog het kader door ministers en Europarlement wordt bepaald. Trage Europese procedures worden zo omzeild, waardoor financiële markten beter functioneren. De Europese Commissie wil in Stockholm hiervoor groen licht van de regeringsleiders. Maar EU-lidstaten en Europarlement vrezen verlies van bevoegdheden. ,,Het bekende spanningsveld'', zegt Bolkestein. Een door het Zweedse voorzitterschap ingelaste Ecofin-ministerraad moet morgenavond in Stockholm uitkomst brengen.

Bolkestein wil de EU snel tot ,,één liquide financiële markt'' maken. Dan zouden, om een voordeel te noemen, Europese pensioenfondsen hun rendementen met enkele procentpunten kunnen optrekken naar Amerikaans niveau. Zeker met de huidige vergrijzing – ook een onderwerp dat in Stockhholm aan de orde komt – meer dan meegenomen. De dienstenmarkt kan volgens Bolkestein door voltooiing van de interne markt opnieuw kijkend naar de VS 36 miljoen extra banen opleveren.

Wordt het politiek niet moeilijker de interne markt te vervolmaken, omdat nationale soevereiniteit meer in het geding komt bij de voortschrijding van de interne markt? Bolkestein: ,,Natuurlijk wordt het steeds moeilijker, neem de belastingkwesties. Maar tien jaar geleden praatte men überhaupt niet over belastingen. Dus de mensen die zeggen dat het allemaal zo moeilijk gaat, vergeten dat het een nieuw dossier is.''

Bolkestein is daarom ook niet al te teleurgesteld dat de recente Europese top in Nice geen overeenstemming opleverde om de meerderheidsbesluitvorming uit te breiden naar enkele voor de interne markt belangrijke zaken, waaronder specifieke belastingkwesties. Unanimiteit blijft hier dus een vereiste, wat besluitvorming bemoeilijk.

Bolkestein: ,,Mensen die eigenlijk beter hadden moeten weten, hebben de zaak opgepijpt en gezegd dat het in Nice zou gaan gebeuren. Maar het gebeurde niet, want het gebeurt nooit, het zijn in de Europese Unie altijd geleidelijke stapjes.'' Hij beziet de ontwikkelingen dan ook liever in historisch perspectief: ,,Iemand met historisch besef moet erkennen dat wat wij hebben doorgemaakt in de afgelopen vijftig jaar zonder precedent is. De Europese Unie is een gebied van vrede, welvaart en stabiliteit. Zij is de naijver van alle buren. Iedereen wil lid worden.''

De Nederlandse Eurocommissaris noemt op belastinggebied als ,,belangrijkste invalshoek'' het wegnemen van belemmeringen voor het functioneren van de interne markt. Zo moeten dubbele belastingen in de pensioensfeer verdwijnen, omdat ze een ernstige hinderpaal zijn voor EU-burgers om in een andere EU-lidstaat te werken. In Nice werd meerderheidsbesluitvorming op dit punt afgewezen, maar Bolkestein denkt voldoende sterke argumenten te hebben om vooruitgang te boeken. ,,We streven toch de vier vrijheden na van goederen, kapitaal, diensten en personen. Die staan in de pre-ambule van het Europees Verdrag.''

Waarnemers in Brussel menen dat Bolkestein op belastinggebied voor een pragmatische aanpak kiest. Harmonisatie van indirecte belastingen (btw, accijnzen) is dienstig, omdat verschillen hier de interne markt van goederen en diensten kunnen verstoren. Bolkestein constateerde al eerder dat hier ,,significant'' is geharmoniseerd. Het Europees Verdrag verwijst trouwens naar de wenselijkheid ervan. Maar op het gebied van directe belastingen wordt het politiek zeer gevoelige woord `harmonisatie' vermeden. Bolkestein: ,,Ik heb een paper laten schrijven over belastingpolitiek. Belastingen zijn het hart van de politiek. Ik vind het niet nodig van alles en nog wat te harmoniseren. Zaken als de hoogte van de vennootschapsbelasting zijn iets van nationale politieke preferenties.''

Bolkestein ziet ook heil in de sedert de Lissabon-top in zwang geraakte benchmarking in Brussels jargon ook `open coördinatie' genoemd. Dat wil zeggen dat EU-lidstaten elkaars prestaties op diverse terreinen beoordelen, waardoor politieke druk ontstaat het in de toekomst beter te doen.

De Nederlandse Eurocommissaris onderstreept dat een sterke positie van de Europese Commissie met haar `communautaire methode' hoe dan ook belangrijk blijft om de samenhang in de Europese Unie te bewaren. Hij ziet daarom, voor wat althans interne-marktkwesties betreft, weinig in `versterkte samenwerking' tussen kleinere groepen lidstaten, wat door het Verdrag van Nice is vergemakkelijkt. ,,De interne markt zou dan verbrokkelen'', zegt hij.

Frankrijk en Duitsland, die altijd de basis zijn geweest voor de Europese eenwording, zijn het tegenwoordig over minder zaken eens. Hindert dat de voltooiing van de interne markt?

,,Ik merk dat niet in mijn werk. Ik heb te maken met vijftien lidstaten. De Duitsers zeggen dit, de Fransen dat en Denen weer dit. Ik zie eigenlijk geen vaste allianties bij mijn onderwerpen. Er is zo nu en dan natuurlijk wel een onderscheid tussen noordelijke en zuidelijke lidstaten, dat is een traditioneel onderscheid tussen de liberale en de meer interventionistische landen.''

Regeringsleiders doen op hun toppen vaak beloften, die nadien niet worden waargemaakt. Ook in Lissabon. Is dat schadelijk voor de euro?

,,Als je niet doet wat je zegt dan presenteer je aan de buitenwereld een wazig beeld. Dat is niet goed voor de aantrekkelijkheid van Europa voor investeerders die van buiten komen en die dus euro's kopen. Dat wazige beeld krijg je door declaratoire politiek die niet wordt gedekt door feiten.''

En voor de duidelijkheid zegt Bolkestein nog eens wat hij eerder in buitenlandse media zei: ,,Er veel poëzie, maar weinig beweging.''

Is Europa wel in staat de belofte van Lissabon waar te maken en over tien jaar de meest concurrerende economie ter wereld te zijn?

,,Over negen jaar, want de klok tikt door. Natuurlijk. Maar dan moeten we wel het een en ander doen, anders krijg je die declatoire politiek, waar ik zo de pest aan heb.''

U bent bij uw aantreden in 1999 neergezet als euroscepticus. Bent u veranderd?

,,Nee, dat zie ik niet. Het is maar wat je eurosceptisch noemt. Ik geloof nog steeds niet in een Europese federatie. En ik vind de muntunie nog steeds een prachtige constructie, maar dan moet je wel doen wat in het boekje staat. En ik vind ook dat Nederland nog te veel [aan Brussel] betaalt, maar dat moeten Nederlandse parlementariers maar uitzoeken.''