Belgrado `werkt mee met VN-tribunaal'

De ministers van Justitie van Joegoslavië en Servië hebben gisteren het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag een beperkte vorm van samenwerking toegezegd. Joegoslavië is bereid niet-Joegoslavische verdachten van oorlogsmisdaden aan het VN-tribunaal uit te leveren en verdachten aan te moedigen zichzelf aan te geven.

De ministers, Momcilo Grubac en Vladan Batic, brengen een tweedaags bezoek aan het tribunaal. Na een gesprek met hoofdaanklager Carla Del Ponte zeiden ze dat Joegoslavië ,,geen oase voor oorlogsmisdadigers'' wil worden. Ze verzekerden dat ze verdachten die zich in Joegoslavië bevinden zouden vragen zich vrijwillig bij het tribunaal te melden en beloofden niet-Joegoslavische verdachten uit te leveren. Volgens de Servische minister Batic zijn er ,,tekenen'' die erop wijzen dat sommige verdachten zich ,,zeer spoedig'' vrijwillig zullen aangeven.

De uitlevering van verdachten met een Joegoslavisch paspoort stuit op de wetsbepaling die uitlevering van Joegoslavische staatsburgers aan het buitenland verbiedt. Belgrado zegt al maanden te werken aan een wijziging van die wetstekst, maar te betwijfelen of dat lukt voordat op 31 maart een Amerikaans ultimatum afloopt. In dat ultimatum dreigt Washington met sancties als Belgrado niet heeft bewezen met het tribunaal in Den Haag samen te werken.

Hoeveel niet-Joegoslavische (bijvoorbeeld Bosnisch-Servische) verdachten zich in Joegoslavië ophouden, is onduidelijk. Onlangs zei Grubac dat bij zijn weten geen enkele niet-Joegoslavische verdachte zich in Joegoslavië schuilhoudt. Twee hoofdverdachten Radovan Karadcic, oud-leider van de Bosnische Serviërs, en zijn legerleider Ratko Mladic zijn in Bosnië ondergedoken uit vrees door Belgrado te worden uitgeleverd.

De twee ministers zeiden gisteren in Den Haag opnieuw dat een ,,intensief juridisch onderzoek'' naar wandaden van de vroegere Joegoslavische president Slobodan Miloševic wordt ingesteld. ,,Het is zeer waarschijnlijk dat hij binnenkort wordt vervolgd, maar het is niet de taak van het ministerie om te arresteren, te vervolgen en te berechten'', aldus minister Batic.