Bijtertjes en pratertjes

Na de wedstrijd PSV-FC Kaiserslautern werd vorige week in deze krant gerept over het gebrek aan professionaliteit bij PSV. Een in sommige opzichten aantrekkelijke club met getalenteerde spelers, maar niet altijd opgewassen tegen de geraffineerdheden die zich in topvoetbal kunnen voordoen.

In dit verband kun je je afvragen of de destijdse keuze om Mark van Bommel tot aanvoerder te benoemen juist is geweest. Niet te ontkennen valt dat Van Bommel een jongen is die `iets' uitstraalt. Maar zoals reeds meermalen is gebleken kan Van Bommel met geen mogelijkheid zijn mond houden op momenten en in situaties waarin dat zeer dringend geboden is. Bijvoorbeeld als de Spanjaard Antonio Lopez Nieto de scheidsrechter is.

Zo las ik dat Erik Gerets tevoren zijn aanvoerder gewaarschuwd had zijn mond niet te roeren tegen de Spanjaard. Stel u voor: Van Bommel is in het bezit van één gele kaart en protesteert na een overtreding luidkeels tegen een arbitrale beslissing. Hij had op zijn vingers kunnen uitrekenen dat dit een rode kaart tot gevolg zou hebben. Dan denk ik: is Van Bommel met zijn 23 jaar niet te jong voor het aanvoerderschap? Heeft het geen zin een oudere elftalgenoot, bijvoorbeeld doelman Ronald Waterreus, met de captaincy te belasten?

Van Bommel is zowel een bijtertje als een pratertje, maar niet volwassen genoeg om een voorbeeld voor zijn ploeggenoten te zijn.

En dan: vergelijk nu eens de manier waarop de omstreden vedette Mario Basler donderdag de strafschop voor Kaiserslautern nam en de wijze waarop Bruggink dat deed voor PSV. Basler zocht en vond met grote overtuiging een doelhoek, terwijl Bruggink aarzelend geen kans zag de bal duidelijk buiten bereik van de Duitse keeper te mikken.

Het is nog steeds waar: Nederlanders zijn zwak in het nemen van strafschoppen.