EU: politieke steun voor Macedonië

De Europese Unie en de NAVO geven de Macedonische regering maximale politieke steun in de confrontatie met de Albanese rebellen rond Tetovo. De ministers van Buitenlandse Zaken van de EU bespraken de kwestie-Macedonië vandaag in Brussel.

De Macedonische minister van Buitenlandse Zaken, Srdjan Kerim, kreeg vandaag in Brussel te horen dat de EU vertrouwenwekkende maatregelen gaat nemen, die een betere controle langs de grens met Kosovo en financiële steun voor de armste regio's van Macedonië behelzen. Ook wil de EU zich inspannen voor een verbetering van het lot van de Albanese minderheid in Macedonië.

Kerim keert vandaag naar Skopje terug in het gezelschap van Javier Solana, die bij de EU verantwoordelijk is voor het veiligheids- en buitenlands beleid. Volgens zegslieden in Brussel is de ,,krachtige boodschap'' die Kerim is meegegeven bedoeld om de Albanese rebellen duidelijk te maken dat ze alleen staan en de gematigde vertegenwoordigers van de Albanese minderheid in Macedonië duidelijk te maken dat de oplossing moet voortkomen uit een dialoog.

Kerim van zijn kant heeft de NAVO opgeroepen ,,actiever'' op te treden langs de grens tussen Kosovo en Macedonië, om te verhinderen dat de rebellen in het noorden van Macedonië zich vanuit Kosovo bevoorraden ,,en Macedonië destabiliseren''.

De Russische minister van Buitenlandse Zaken, Igor Ivanov, riep gisteren in Belgrado de internationale gemeenschap op ,,het Albanese terrorisme'' een halt toe te roepen. ,,Als het niet tot staan wordt gebracht, zal het ook in andere landen van de Balkan de kop opsteken'', aldus Ivanov, die behalve Joegoslavië ook Kosovo, Macedonië en Albanië bezoekt.

De Macedonische premier, Ljubco Georgijevski, viel gisteren uiterst fel uit naar het Westen, dat volgens hem ,,de schepping van een nieuwe Talibaan in Europa toelaat''. Volgens de premier weigert de NAVO toe te geven dat de Albanese rebellen bij Tetovo afkomstig zijn uit Kosovo, omdat dit zou inhouden dat ,,alle pogingen [van de NAVO] in Kosovo vergeefs zijn geweest''. Georgijevski zei er van overtuigd te zijn dat Duitsland en de VS (de landen die KFOR-troepen hebben langs de noordgrens van Macedonië) ,,de identiteit kennen van de leiders van de Albanese guerrilla'' en dat zij die leiders zouden kunnen oppakken als zij dat zouden willen.

Westerse diplomaten reageerden boos op de uitlatingen van Georgijevski. Ze weten die aan de extreme nervositeit over een probleem dat drastisch is geëscaleerd en waarvan de Macedoniërs best weten dat het niet uit Kosovo is geïmporteerd, maar alles te maken heeft met de klachten van de Albanese minderheid in hun land.

In Zuid-Servië is de spanning opgelopen na een aanval van Albanese rebellen op een politiepost van de Serviërs, waarbij één van de aanvallers om het leven kwam. Twee Servische politiemannen werden gewond toen hun voertuig op een mijn reed.