Jeugdfonds

Utrecht, 11 maart 2001, 15.15 uur. `U krijgt zo een tussenstand met een aantal extreme scores. Wij zijn hierover nog in beraad.' Deze hoogst ongebruikelijke mededeling van de hoofdarbiter schalde door de luidsprekers van het André Boekhorst Centrum tijdens de vierde en laatste voorronde van het ING Bank Topcircuit. De scores werden veroorzaakt door Kees Tammens en Pieter-Bas Wintermans, een paar dat op de rand stond van plaatsing voor de voor bridgebegrippen goed gedoteerde finale van het circuit.

Tammens had uitgerekend dat het wel eens gunstig kon zijn om aan bepaalde paren punten cadeau te doen. Op die manier zouden die paren andere paren – concurrenten van Tammens-Wintermans in het algemeen klassement – voorblijven. Tammens meende dat hij niet in overtreding was omdat de arbiter van dienst zijn van te voren aangekondigde weggeeftactiek niet expliciet had verboden. Dankzij een portie anti-bridge die zijn weerga niet kent in de bridgegeschiedenis leverde hij doelbewust 55 imps in over vijf spellen.

De tegenstanders op deze tafel waren Max Rebattu en Carol van Oppen die mede hierdoor deze voorronde wonnen met een voorsprong van 24 imps op Tjali Tuwanakotta en Frans Borm. Van Oppen: ,,Ik vind deze gang van zaken hoogst ongelukkig. Wat mij betreft gaat de geldprijs naar het jeugdfonds.''

En daarmee is de cirkel rond want Kees Tammens is de coach van de Nederlandse jeugdselectie. Voor alle duidelijkheid: de partner van Tammens nam geen deel aan de bizarre acties. Wintermans verklaarde na afloop: ,,Misschien verbieden de regels zijn gedrag niet, maar het druist wel in tegen mijn bridgegevoel.''

Tammens ging onverstoorbaar door met het creëren van absurd slechte scores. Tegen Jan Jansma en Louk Verhees, merkte Jansma na het eerste spel op zich hier niet lekker bij te voelen en verzocht Tammens op normale wijze door te spelen.

Terug naar de tafel tegen Van Oppen-Rebattu met op elk spel een exces. Het dieptepunt vormde een kwetsbare 3SA die geredoubleerd zeven down ging voor 4000 punten. Dat spel alleen al was goed voor 23 imps.

Toch was het meest bizarre spel misschien wel dit:

Dat we dit nog mogen meemaken. NZ, met in gezamenlijke handen 32 punten, worden gedoubleerd in 3SA en lopen vervolgens met de staart tussen de benen weg. De doorgezette psyche van de oostspeler veroorzaakte een Babylonische biedverwarring, die eindigde in 4♣ gedoubleerd plus drie (score 1310). Het tragikomische van het spel was dat het Tammens en zijn partner desondanks nog drie imps opleverde omdat alle ander paren in slem zaten en de datumscore op 1410 lag. Toen het spel over was vroeg de oostspeler dan ook teleurgesteld waarom er niet was geredoubleerd.

Afgelopen dinsdagavond boog de ING Bank Topcircuit commissie zich over de zaak. Zij merkte de handelswijze van Tammens aan als spelbederf en onderbouwde dat ondermeer op grond van artikel 74 A-2 van het spelreglement dat handelt over ergenis aan tafel en het kapotmaken van spelvreugde. Me dunkt, gezien de reacties van Van Oppen en Jansma, niet onlogisch.

De commissie besloot het paar Tammens-Wintermans uit te sluiten voor de finale van het circuit en de uitslag van afgelopen zondag aan te passen. Van Oppen-Rebattu zakten zo naar de vierde plaats en Borm-Tuwanakotta werden tot winnaars uitgeroepen.

De commissie had overigens ook nog laten uitrekenen wat het voordeel voor Tammens en zijn partner zou zijn geweest als zijn acties wel zouden zijn toegestaan. Dat bleek nihil. Tragisch om zoveel op het spel te zetten voor iets waarvan het belang marginaal bleek. Of Tammens-Wintermans tegen de beslissing in beroep gaan, is op dit moment nog niet bekend.