De glans van de Tefaf

Op The European Fine Art Fair (Tefaf) in Maastricht is het een stevige wandeling van de kunsthandel van Angela Gräfin von Wallwitz naar de Collectie Drs Loek Brons bv: halverwege New Bond Street rechtsaf de Champs Elysées op, over het Vrijthof en Place de la Concorde naar Trafalgar Square, daar linksaf Madison Avenue in en dan voorbij Domplatz, op Place Neuve: dáár heeft de vroegere textielkoning zijn Carel Willinks opgehangen.

De brede allees in het MECC-congresgebouw zijn geplaveid met hoogpolig tapijt, er zijn strijkorkestjes en champagnebars, en de namen van de boulevards in dit winkelparadijs klinken vertrouwd in de oren.

Voor de veertiende keer is Maastricht dezer dagen het mekka van de kunst- en antiekwereld. Tien dagen lang, nog tot morgenavond, ligt de fijnste koopwaar van 197 streng geselecteerde handelaren uit dertien landen aan de zuidoever van de Maas uitgestald.

Bij de ingang staan metaaldetectorpoortjes en het wemelt op de beurs van de sportschooljongens met een walkietalkie. En dat is maar goed ook, want begeerte leidt al snel tot slechte gedachten. De erotische tekeningen van Egon Schiele (vraagprijzen tot 1,5 miljoen dollar per stuk) zijn om te stelen zo mooi. En het Chinese bronzen paard uit de Han-dynastie bij de Brusselse Zen Gallery (14 miljoen gulden) is om een moord voor te doen.

Van heinde en ver, tot uit Zuid-Amerika, komen verzamelaars af op al het moois. Van de ruim zeventigduizend bezoekers komt 40 procent uit het buitenland. Het beursaanbod is zeer divers, van antieke oudheden tot 20ste-eeuwse kunst, van zeldzame boeken en kaarten tot juwelen, gevlochten zilveren suikermanden en religieus vaatwerk. Aan de vooravond van de beurs controleren keurmeesters alle voorwerpen op echtheid en herkomst. In Maastricht hangen zoveel goede Picasso's en Monets, dat het wel lijkt of zij nog steeds in hun atelier aan de slag zijn.

De hoge kwaliteit heeft een keerzijde: de prijzen zijn de afgelopen jaren enorm gestegen. ,,Ook op de kunstmarkten blijkt de gulden van een paar jaar terug nu nog maar veertig cent waard te zijn'', stelde Tefaf-bestuurder Dave Aronson vorige week vast.

Toch maakt een rondgang duidelijk dat veel handelaren goede zaken hebben gedaan. De meeste rode stippen zijn vorige week vrijdag geplakt, op de private viewing voor genodigden. Voor die cocktailparty vliegen Duitse, Zwitserse en Amerikaanse collectioneurs in hun privé-jets naar Maastricht, zodat zij de eerste keus hebben. Ook de dagen daarna is de beurs nog op chic omdat vaste klanten vaak nog eens terugkomen.

Een toegangskaartje kost zestig gulden en ook voor een eenvoudige consumptie is muntgeld niet toereikend. Maar veel handelaren schenken champagne en obers van huiscateraar Maison van den Boer lopen af en aan met petitfours.

Voor modale kunstliefhebbers is de koopwaar op de Tefaf even onbereikbaar als in een museum. Zonder blikken of blozen presenteren handelaren prijslijsten met vele nullen. Over omzetten doen de deelnemers traditiegetrouw geheimzinnig. Tefaf-perschef Titia Vellenga spreekt van enige honderden miljoenen guldens. ,,Maar het kan ook goed een half miljard worden als Robert Noortman zijn Rembrandt van tachtig miljoen verkoopt.'' Bovendien worden `nabeurs' nog veel koopovereenkomsten gesloten.

Op zijn minst zo mooi als de antiquiteiten, de verluchte manuscripten en de Egyptische kunstvoorwerpen zijn de mensen op de Tefaf. Een Zeeuwse mode-ontwerper wandelt met zijn vriendin in klederdracht over de beurs, een Engelse galeriehouder combineert zijn krijtstreepkostuum met handgeborduurde lichtblauwe pantoffels en talrijk zijn de hooggehakte, al dan niet gefacelifte, oogverblindende dames. Allemaal even onbetaalbaar als de oude meesters, maar evenzeer de reis naar Maastricht waard.

De echtparen Van Thoor (met bril) en Lemmens uit het Limburgse Echt trekken al 35 jaar, sinds de lagere school, met elkaar op. ,,Een schilderij van de Colombiaan Botero is het mooiste wat ik vandaag heb gezien'', zegt mevrouw Van Thoor. ,,Hij laat zien dat het leven lekker en mooi moet zijn, dat spreekt ons aan.''

P. Stoele, accountant, en zijn vrouw E. Stoele, eigenaresse van een schoonheidssalon. Een schilderij van de 19de-eeuwse schilder B.C. Koekkoek vond het Rotterdamse echtpaar na zeven uur rondlopen het hoogtepunt van de Tefaf: ,,Het is net een museum hier, echt top.''

De familie A. Hilgers uit Kerkrade is onder de indruk van de vele antieke schilderijen, de mooie Picasso's en de horloges bij Cartier: ,,Wij hebben wel schilderijen thuis, maar verzamelaars zijn we niet.''

Pieter de Vries uit Texel met een schilderij van Willem Schellinks (vraagprijs bij Salomon Lilian 395.000 gulden). De Vries reist al 11 jaar met zijn mobiele fotostudio naar de grote Europese kunst- en antiekbeurzen om opnamen te maken van kunstwerken. Aan het begin van elke beurs geeft de fotograaf aan alle galeriehouders een Texelse smeerkaas en zijn visitekaartje: ,,Gelukkig weet ik nooit de verkoopprijzen van de werken die ik moet fotograferen, dat sjouwt een stuk gemakkelijker. Goede reproducties van kunstvoorwerpen maken vraagt veel techniekbeheersing. Het is kennelijk zo lastig dat galeriehouders in Londen en Monte Carlo me regelmatig voor één reproductie laten overkomen.''

Nico Delaive, galeriehouder te Amsterdam, met een zelfportret van Marc Chagall dat hij in het openingsweekeinde verkocht voor ,,één miljoen plus'': ,,Deze beurs is voor mij een ontmoetingsplaats van vrienden. Elk jaar hoop ik nieuwe klanten te ontdekken. Maar het kunstwereldje is zo klein, ook dit jaar is het me nog niet gelukt. Wie mijn klanten zijn? Nederbelgen, Nederlanders die in Zuid-Frankrijk wonen en Nederlanders die in Monaco wonen. Nee, geen belastingvluchtelingen. Het zijn mensen van een jaar of 50, 60 die het hier te koud vinden.

,,Het aanbod op de Tefaf is kwalitatief zeer goed, maar de prijzen zijn krankzinnig hoog. Zelfs mijn zeer vermogende klanten kunnen het niet meer betalen. Een knappe Van Dongen kostte drie jaar geleden 1 miljoen gulden, nu 3 miljoen. Of een schilderij nu 5.000 gulden kost of een miljoen, onderhandelen moet ik altijd. Vooral mensen die het geld met hard werken verdiend hebben, weten wat het waard is. Alleen met de computer- en internetjongens is het anders. Die hebben hun zakken vol met Walt-Disneygeld.''

Sacha Tanja, hoofdconservator van de kunstcollectie van ING. Kocht voor de bank een penseeltekening van Wim Schuhmacher, en voor zichzelf een boeddhabeeld. Droomt van de Rembrandt bij galerie Noortman (`En niet omdat-ie 80 miljoen kost'): ,,ING nodigt hier elk jaar zo'n drieduizend relaties uit. Koffie, lunch, lezingen over kunst en financiële zaken, een bezoek aan de beurs en dan lekker eten. Onze klanten vechten voor een uitnodiging. Veel leuker toch dan een middagje voetbal, tennis of paardrijden?''

Adriaan van der Brugh, manager in de bloembollen, met zijn vriendin Evelien Groenhuizen uit Den Haag. Beiden zijn weg van een schilderij van Mesdag, maar komen een paar miljoen tekort: ,,Een Maastrichts onderonsje, heerlijk. Limburgers zijn aparte jongens, dat geeft deze beurs cachet. In Amsterdam zou de sfeer beslist anders zijn.''

Projectontwikkelaar H. Drost en zijn vrouw

J. Drost uit Vinkeveen. Zij zou graag een Josef Israels kopen, hij een Karel Appel (`Ik hou van kleur'): ,,Wij komen hier voor de kunst én voor de sfeer. Deze beurs heeft stijl, is niet rumoerig en je ontmoet alleen maar keurige mensen. Waren er maar meer bijeenkomsten voor mensen die weten wat mooi is.''

Heinz Ramrath uit het Duitse Aken, verzamelaar van tinnen wijnkannen en antieke tegels: ,,De prijzen zijn me te hoog dit jaar.''

foto's Vincent Mentzel