Koning is niet meer onschendbaar

Aan de in de Nederlandse Grondwet vastgelegde onschendbaarheid van de Koning wordt binnenkort getornd. De Koning kan door het in Den Haag te vestigen Internationale Hof voor oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid worden vervolgd. Dat is de consequentie van de goedkeuringswet Statuut Internationaal Hof, die naar verwachting volgende week in de Tweede Kamer met algemene stemmen zal worden aanvaard.

Het kabinet heeft bepaald dat dit tenminste met tweederde meerderheid dient te geschieden, omdat het Statuut van het Internationale Hof mogelijk afwijkt van het in artikel 42 van onze Grondwet bepaalde: ,,De Koning is onschendbaar, de ministers zijn verantwoordelijk''. Naar Nederlands recht kán, aldus de Raad van State, de Koning de misdaden die het Internationaal Hof behandelt helemaal niet begaan. Het Statuut geeft het Hof echter nadrukkelijk de opdracht tot strafvervolging over te gaan wanneer nationale rechtspraak niet tot vervolging kan of wil overgegaan, of wanneer nationale staten in een amnestieregeling, of de officiële status van de verdachte een beletsel zien.

Tijdens de behandeling in de Kamer bleek gisteren dat alle partijen zich kunnen verenigen met deze nieuwe dimensie van de juridische positie van de Koning, al vroegen PvdA en D66 zich af of het aanroepen van artikel 91 van de Grondwet, dat een tweederde meerderheid vergt, wel echt nodig was.

Strafvervolging van de Nederlandse Koning wegens oorlogsmisdaden en dergelijke is `helemaal ondenkbaar en strikt theoretisch', benadrukten minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) en alle woordvoerders in de Kamer gisteren.