De `wegenwacht' voor suïcidalen

Een psychologe van de NVVE wordt vervolgd wegens hulp bij de zelfdoding van een 43-jarige vrouw. Hoever mag een vereniging gaan in het steunen van haar leden?

Meer dan honderdduizend leden heeft de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie, die ijvert voor legalisering van euthanasie en hulp bij zelfdoding. De NVVE verschaft leden tegen betaling wilsverklaringen, behandelverboden, volmachten en niet-reanimerenpassen, die tot doel hebben mensen regie te geven over hun eigen dood. ,,De NVVE is zoiets als de ANWB'', zegt hoogleraar psychiatrie F. Koerselman. ,,Iedereen wil dat de wegenwacht komt als je met pech langs de weg staat. De NVVE is soort verzekering tegen dokters die onnodig laten lijden. Ik denk dat die beeldvorming onjuist is, maar het is wel een feit waaraan de NVVE haar bestaansrecht ontleent.''

In de praktijk is de NVVE ook nog iets anders: een laatste toevluchtsoord voor mensen met psychische problemen die dood willen, die daarbij geen hulp krijgen van hun arts en die ook niet voor de trein willen springen. Gisteren werd bekend dat een psychologe van de NVVE wordt vervolgd voor hulp bij zelfdoding aan een 43-jarige vrouw. Koerselman: ,,Ik ben verbaasd dat dit niet eerder is gebeurd.'' Psychiater A.J. Tholen, chef de clinique van de afdeling psychiatrie van het academisch ziekenhuis Groningen: ,,Ik ken deze psychologe als een zeer zorgvuldig persoon.''

Volgens de NVVE meldden zich tussen 1992 en 1997 735 mensen onder de 65 jaar met een psychische of psychiatrische aandoening en een doodswens. De 43-jarige vrouw waar het in de strafzaak om gaat pleegde in 1999 zelfmoord volgens een methode (drank en pillen) die haar door de NVVE was aangereikt. Dat gebeurde na een telefonische screening in een persoonlijk gesprek met een psychologe van de NVVE. Tussen 1992 en 1997 werden 419 mensen uitgenodigd voor zo'n gesprek, stelt dezelfde psychologe in voornoemd artikel. In driekwart van de gesprekken verschaften zij concrete informatie over methoden van zelfdoding. Van 69 mensen staat vast dat zij korte tijd later overleden.

In tegenstelling tot actieve hulp bij zelfdoding is het verstrekken van informatie niet verboden. Mensen kunnen er ook op andere manieren aan komen. Tholen, die voorzitter was van een commissie die richtlijnen voor hulp bij zelfdoding voor psychiaters heeft opgesteld, vindt het ,,goed dat er een club is die die informatie wat terughoudend verstrekt''. Koerselman tegenstander van hulp bij zelfdoding aan psychiatrische patienten, vindt dat de NVVE zich altijd tot een bemiddelende rol zou moeten beperken. ,,In dit geval: contact opnemen met de behandelend psychiater of bemiddelen voor een second opinion.''

Dat dat in dit geval niet is gebeurd, is een van de redenen die de zaak twijfelachtig maken volgens het hof van Den Bosch, dat na een klacht van de broer van de 43-jarige vrouw de vervolging van de psychologe heeft bevolen. Hoewel de NVVE-psychologe wist dat de vrouw onder behandeling stond van onder meer een psychiater, die zelf weigerde mee te werken aan zelfdoding, nam ze geen contact op met deze of andere behandelaars. Haar inschatting was dat de vrouw was uitbehandeld. Het hof meent dat zij hiermee mogelijk onzorgvuldig heeft gehandeld.

Tholen kan zich voorstellen dat de psychologe ,,voor haar zelf'' de conclusie trok dat alle behandelingen waren geprobeerd, ,,maar voor de wet heeft dat geen enkele status. Ten eerste omdat ze geen arts is, ten tweede omdat voor zo'n oordeel altijd andere consultaties nodig zijn.''

Wrang in de zaak is dat de zelfmoordpoging volgens de methode van de NVVE in eerste instantie mislukte. Toen de vrouw na twee dagen werd gevonden, was ze niet dood maar lag ze in coma. Het duurde drie weken voor ze overleed. Haar broer wees er voor het hof op dat ze zo ernstig gehandicapt had kunnen raken. Voor hem is vooral dat een reden om te vinden dat de NVVE zich ,,op een hellend vlak'' beweegt.

Ook het inhoudelijk oordeel van de psychologe staat ter discussie. Heeft zij er, vragen zowel de broer als het hof zich af, voldoende rekening mee gehouden dat de vrouw volgens haar behandelaars leed aan een 'persoonlijkheidsstoornis met afhankelijkheidskenmerken', waardoor de verschafte inlichtingen mogelijk ,,feitelijk hebben gewerkt als instructies''? En was het niet mogelijk dat de vrouw de dood van haar moeder nog niet had verwerkt? Op de dag van haar zelfmoordpoging, was het exact een jaar geleden dat haar moeder, bij wie zij inwoonde, stierf. Het hof ,,acht het niet uit te sluiten dat het rouwproces ... zich nog in een positieve richting had kunnen ontwikkelen.''