AFGHANEN

Zo'n anderhalf miljoen Afghaanse vluchtelingen verblijven in het noordwesten van Pakistan. De meesten zitten in huisjes van leem en stro.

De Afghanen krijgen bonkaarten voor voedsel van de Verenigde Naties, die in samenwerking met de Pakistaanse autoriteiten, voor elementaire opvang zorgen. Een deel van de vluchtelingen woont al jaren in de kampen en sommigen hebben baantjes gevonden in Pakistan, vooral als chauffeurs van scooterriksja's, taxi's en bussen. De minder gelukkigen zijn vaak ten prooi aan ernstige verveling en depressies.

Veel families hebben zich inmiddels opgesplitst: een deel blijft in het vluchtelingenkamp en een ander deel past op de familiebezittingen in Afghanistan.

De Pakistanen zijn minder gastvrij dan vroeger, omdat de enorme aantallen vluchtelingen in veel opzichten een belasting vormen voor de eigen bevolking en de eigen economie.

Ook in Iran verblijven zo'n anderhalf miljoen Afghanen. Speciaal de shi'itische Hazara's uit centraal-Afghanistan voelen zich tot het in religieus opzicht gelijkgestemde Iran aangetrokken. Anders dan in Pakistan wonen de Afghanen verspreid over het land. Ze zijn veel meer aan hun eigen lot overgelaten dan in Pakistan, want Iran had geen behoefte aan inmenging van buitenlandse hulporganisaties. Veel Afghanen doen karweitjes waar de Iraniërs zelf hun neus voor ophalen, zoals straatvegen. De Afghanen worden in veel opzichten gediscrimineerd door de Iraniërs.

Van tijd tot tijd stuurt Iran, al dan niet met instemming van UNHCR en de betrokken vluchtelingen zelf, groepen Afghanen terug naar hun moederland. Menige vluchteling is echter alweer snel terug in Iran omdat het leven daar toch nog altijd makkelijker is dan in eigen land.