Ook mens is vatbaar voor MKZ-virus

Ook mensen kunnen mond- en klauwzeer (MKZ) krijgen. Tijdens de laatste grote Europese MKZ-uitbraak in 1966 is in ieder geval één Brit ziek geworden. Dat schrijven drie Britse infectieziektekundigen in The British Medical Journal (10 maart). Daarmee ondergraven de Britten informatie van het Nederlandse ministerie van Landbouw. Dat schrijft op haar website: ,,Mond- en klauwzeer is niet gevaarlijk voor de mens. Alleen evenhoevige dieren (zoals runderen, varkens, schapen, geiten en herten) krijgen er last van.'' Mensen zijn vooral gevoelig voor het type O van het virus, aldus de Britse artsen. Type O is de stam die momenteel zijn opmars door Europa begint.

Een oude vermelding van drie Britse MKZ-patiënten is die van drie Britse dierenartsen die in 1834 met opzet rauwe melk van zieke koeien dronken. Hun actie leek op die van de Britse prins Charles die zich op het hoogtepunt van de BSE-crisis het rundvlees goed liet smaken. Die onderwierp ook zichzelf aan besmetting en was minder cru dan de demonstratie van de Britse landbouwminister die zijn dochtertje voor het oog van de pers uit pr-overwegingen een hamburger liet eten. Die Britten hadden allemaal dezelfde bedoeling: geruststellen van de bevolking.

Mensen met MKZ krijgen na een incubatieperiode van twee tot zes dagen koorts en een rauwe keel, zoals bij iedere verkoudheid. Kenmerkend voor MKZ zijn jeukende blaartjes op handen, voeten, tong en in de mondholte. Doodziek worden mensen er niet van. Een week na het ontstaan van de laatste blaartjes zijn ze weer beter.

Mensen hoeven niet ziek te zijn om besmettelijk te zijn voor dieren. Na contact met zieke dieren kunnen mensen de ziekte op nog gezonde dieren overbrengen en wie echt besmet is kan dat veel langer dan 72 uur na de besmetting nog doen. Het afsluiten van besmette bedrijven gedurende 72 uur lijkt dan ook geen doeltreffende quarantainemaatregel voor mensen die werkelijk besmet zijn met het MKZ-virus. Besmetting van mens op mens is volgens de Britse artsen nooit waargenomen.

MKZ bij mensen is beslist zeldzaam, veel gewoner bij mensen is de hand-, voet- en mondziekte, die echter door een heel ander virus wordt veroorzaakt. Daarbij ontstaan blaasjes in de handpalmen, op de voetzolen en op de lippen.

Voor de meeste dieren die MKZ krijgen is de ziekte niet dodelijk, als ze niet door mensen worden `geruimd'. Van de volwassen dieren sterft, afhankelijk van de soort, vaak maar 5 procent, als ze mogen uitzieken. Jonge dieren zijn kwetsbaarder. Het uitzieken van de epidemie is de traditionele manier om een MKZ-epidemie te laten uitsterven. Zo verlopen de MKZ-uitbraken de Afrikaanse en Aziatische en Zuid-Amerikaanse landen waar MKZ steeds voorkomt en de landbouwgebieden economisch en geografisch van elkaar zijn gescheiden.